Het is geen fantasie, maar een sport

Het heeft alles weg van een doodnormale zaterdagochtend hier in het openbare Flevopark in Amsterdam. De hardlopers lopen in rap tempo door en baasjes laten lachend hun hond uit, maar deze zaterdag is verre van uw dagelijkse ochtend. Er is namelijk een sprankje magie te vinden hier midden in het Flevopark. Elke zaterdagochtend is dit park niet alleen het speelveld voor honden, joggers en wandelaars, maar ook het speelveld voor het fanatieke quidditch-team: de Amsterdam Manticores.

Door: Stan op de Weegh

 Ja, u leest het goed. Er wordt hier in het park quidditch oftewel zwerkbal gespeeld. De sport die zijn inspiratie te danken heeft aan de fantasiesport uit de wereldberoemde Harry Potter reeks van schrijfster J.K. Rowling, is namelijk gewoon bespeelbaar hier in Nederland. Maar hoe kun je deze sport nou spelen? Wij zijn zoals dat in de Harry Potter boeken zo mooi wordt omschreven: muggles (niet-tovenaars). Wij kunnen niet toveren, hebben geen vliegende bezemstelen en hebben ook geen magische ballen tot onze beschikking. Om erachter te komen hoe alles in zijn werking gaat bezoek ik een training van de Amsterdam Manticores, waarin Stephanie Jongma (27, voorzitter en founder) en Nienke Vos (19, penningmeester en founder) mij voorstellen aan de bijzondere wereld van quidditch in Nederland.

De training

Een voor een komt iedereen aan op de afgesproken ontmoetingsplaats voor de ingang van het Flevopark. Er wordt geknuffeld en gelachen vanaf de eerste seconde en samen worden de nodige spullen uit de auto gehaald. Er wordt gecheckt of iedereen er is en Nienke roept de magische woorden: “Kom op team, let’s do this.” De drie zelfgemaakte hoops (doelringen) worden in elkaar gezet en de zelfontworpen tenues en handschoenen worden aangetrokken. De bezemstelen liggen op een rijtje en de ballen worden op het veld gegooid. Het is elf uur s’ochtends en tijd voor ‘quidditch practice’.

Maar voordat we echt op de bezem springen krijg ik eerst een korte samenvatting van Stephanie: “Het is eigenlijk een combinatie van rugby, handbal en trefbal. Je hebt één keeper (herkenbaar vanwege zijn groene hoofdband) die de drie ringen verdedigt en ervoor zorgt dat het andere team niet scoort. Ook de drie chasers (herkenbaar aan de witte hoofdband) zijn er om het andere team van het scoren te weerhouden door hen bijvoorbeeld te tackelen. Maar hun hoofddoel is om zelf punten te scoren. Dan heb je nog de beaters (herkenbaar aan de zwarte hoofdband). Hun taak is om tegenstanders met bludgers af te gooien, waardoor de tegenstander terug moet rennen naar zijn eigen hoop, die moet aanraken en dan pas verder mag spelen. En tot slot heb je de seeker (herkenbaar aan de gele hoofdband) die als taak heeft om de snitch te vangen. Als deze eenmaal is gevangen eindigt het spel.”  Voor meer duidelijkheid zie de kolom: Spelregels.

Het begint net als alle andere sporten met een intensieve warming-up, waarin wij enkele rondjes om het veld lopen en een aantal loopoefeningen ondergaan. Nu de spieren warm zijn worden er verschillende yoga-achtige strekoefeningen uitgevoerd en dan is het zo ver. We springen op de bezem!

De training wordt gegeven door Nienke: “Guys, we gaan vandaag vier oefeningen doen en we beginnen met het ingooien.” Iedereen kiest een partner en stapt op zijn bezemsteel. Er wordt in tweetallen ingegooid met de quaffle (de slurk). Na het ingooien is het tijd voor de eerste serieuze oefening: een seeker oefening. “Voor het seeken moet je snel en behendig zijn. Hiervoor heb ik een oefening bedacht waarbij je de knie van de tegenstander moet aantikken”, roept Nienke. Er worden nieuwe tweetalen gevormd en er wordt 1 op 1 gespeeld. Het doel: tik de knie van je directe tegenstander aan en ontwijk elke poging van de ander.

Nu iedereen inmiddels het zweet op het voorhoofd heeft staan is het tijd voor de eerste oefening met bezemsteel en ballen. “Voor de volgende opdracht wil ik dat iedereen een kring vormt. Een persoon gaat in het midden staan en krijgt de quaffle. De anderen moeten hem afgooien met een bludger. Het is dus de bedoeling dat wij samenwerken om hem af te gooien en aan de persoon in het midden is het de taak om niet geraakt te worden.” Eenmaal in het midden mag je overal geraakt worden, zelfs op het hoofd. Ook als je de bezemsteel raakt die de persoon tussen zijn benen heeft, is hij af. De persoon in het midden mag ontwijken en de quaffle gebruiken om te blokken.

De lastigste oefening is voor het slot bewaard. “We gaan nu een aanvalsformatie uitproberen genaamd ‘de weave’. Het is de bedoeling om naar voren te sprinten en tijdens deze handeling steeds de quaffle over te gooien naar je medespeler. De persoon in het midden heeft de bal en gooit deze naar links of rechts. Na het gooien ga je achterlangs bij je medespeler en ben je weer aanspeelbaar. De ander moet de bal vangen en schuift vervolgens naar de middenpositie. Duidelijk? Ja, aan de slag dan maar.” Het lijkt makkelijk maar het vangen van een bal in volle sprint terwijl je ook je bezemsteel moet vasthouden, is een behoorlijke opgave. Na een hoop oefening en na een paar zeer succesvolle aanvallen is de training tot zijn einde gekomen. Puffend en hijgend lopen we terug naar de spullen en nemen we een slok water.

Het team

De Amsterdam Manticores is een opstartend team binnen de bond Quidditch Nederland en is opgericht door Stephanie: “Ik deed eerst een proeftraining bij de North Sea Nargles, maar een week na die training besloten zij enkel nog in Leiden te trainen. Dat werkte niet voor mij. Toen kreeg ik van meerdere mensen als tip te horen om mijn eigen team te starten. Uiteindelijk heb ik Nienke gevraagd of zij met mij een team wilde oprichten en zij zei gelukkig ja.” Nienke zat eerst twee jaar bij de Nargles, maar kon vanwege de verhuizing naar leiden ook niet blijven. Zij vertolkt onder andere de rol van penningmeester binnen het bestuur en gaat over de contributie die de leden op jaarlijkse basis betalen. “Elk jaar betaalt iedereen eenmalig 25 euro aan contributiekosten. Er bestaat niet echt een fabrikant voor de onderdelen die wij nodig hebben en daarom gebruiken wij dit geld om de hoops, tenues, ballen en bezemstelen te bekostigen.”

Buiten het bestuur om kent het team in totaal dertien leden. Een van de leden is de 25-jarige Kevin Eikenboom, die met een fijn gevoel over zijn lidmaatschap vertelt: “Bij ons gaat het om een hechte vriendengroep die met z’n allen een leuk en actief team vormen. Om het halfjaar hebben wij een vergadering en spreken we over de richting die wij opgaan. Naast de gezelligheid doe ik het ook echt voor mijn beweging. Sporten zit niet echt in mijn leven en ik kon altijd moeilijk in beweging komen voor dingen. Nu met ‘quidditch’ heb ik echt mijn sport gevonden. Hier zet ik mij graag voor in. Ik voel mij hier thuis.”

Van links naar rechts:
Roy, Jay, Kevin, Stephanie, Nienke

Taboe en toekomst

Het vooroordeel dat deze sport alleen wordt gespeeld door enorme Harry Potter fans en fantasieliefhebbers is deze middag dan ook ontkracht. De deelnemers van deze sport zijn niet allemaal enorme liefhebbers van Harry Potter; nee zij zijn simpelweg gewoon liefhebbers van de sport ‘quidditch’. Ook zien zij een rijke toekomst voor de sport. “In principe zien wij de sport groeien. Het is nu nog een amateursport, maar door de mensen die het beoefenen wordt het serieus behandeld. Er komt steeds meer publiciteit, de teams groeien continu en er komen steeds meer internationale toernooien. We gaan alleen maar naar voren en alleen maar naar boven.”

Spelregels

Quidditch is gebaseerd op het fictieve zwerkbal. Het is een gemengde en full-contact sport. Een team mag bestaan uit 21 spelers, maar er staan maximaal 7 spelers te gelijk op het veld. Dit zijn de volgende:

1: Een Keeper

2: Drie Chasers

3: Twee Beaters

4: Een Seeker

Verder zijn er drie verschillende ballen in het veld. Dit zijn:

1:De quaffle.Dit is een zachte volleybal en hier is er 1 van op het veld. Alleen de keepers en de chasers spelen met de quaffle. Hun doel is om de quaffle door een van de 3 hoepels te gooien voor tien punten. Ook verdedigen zij deze hoepels.

2: De bludgers.Dit zijn trefballen en hier zijn er 3 van op het veld. De beaters spelen hier mee en verstoren het spel van de tegenstander. Zij mogen met deze ballen tegenstanders afgooien (maakt niet uit waar). Afgegooide spelers moeten eerst terug naar hun doelpaal en deze aantikken voordat ze weer mogen deelnemen aan het spel.

3: De snitch.Dit is een tennisbal in een sok en hangt achter in de broek van de snitch-runner. Alleen de seeker mag de snitch vangen. Na 18 minuten komt de seeker in het spel en mag hij proberen om de snitch te vangen. Als de snitch is gevangen scoort dat team 30 punten en is de wedstrijd voorbij.

 Overige regels:

1: Spelers moeten te allen tijde een ‘broom’ tussen hun benen houden. Dit is een 1 meter lange stok, meestal van pvc of hout. Spelers zijn alleen ‘off-broom’ als ze zijn afgegooid.

2: Er mogen maximaal 4 spelers van hetzelfde gender tegelijk op het veld staan. Non-binaire gender identiteiten worden als een 3ecategorie meegerekend.

3: Spelers kunnen voor overtredingen worden bestraft met een blauwe, gele of rode kaart en hierdoor 1 of 2 minuten in de penalty box doorbrengen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *