Achter de finishlijn: hoe een halve marathon onderdeel werd van de internationale ambities van een emiraat
Door: Amy van Sluijs
Om 04:43 staat John Gray midden op de – nu nog lege – Al Marjan Boulevard in Ras Al Khaimah naar een rij halfgevulde tafels te kijken. Achter hem klinkt het piepen van achteruitrijdende vrachtwagens. Vrijwilligers in gele hesjes slepen dozen met waterflessen richting de drinkposten langs het parcours. Een paar meter verderop worden dranghekken in rijen langs de weg gezet.
Maar de belangrijkste flesjes ontbreken nog. Gray kijkt naar de tijd op zijn telefoon, zucht en grijpt naar zijn portofoon. “Where are the bottles for the elites?”, zegt hij met paniek in zijn stem. Het is nog anderhalf uur tot de start van de Ras Al Khaimah Half Marathon.
Voor recreatieve hardlopers lijken de waterposten misschien een klein detail in een race van 21 kilometer, maar voor Gray voelt dit als iets veel groters. De speciale drankjes van de topatleten moeten exact op de juiste plek staan, in de juiste volgorde en op de juiste tafel. Als één atleet zijn flesje mist of niet kan vinden, kan dat seconden kosten. En dat kan het verschil betekenen tussen wel of geen wereldrecord. En juist híer zijn wereldrecords belangrijk. Het is niet voor niets dat deze wedstrijd door het vlakke parcours en de perfecte weersomstandigheden bekend staat als één van de snelste halve marathons ter wereld.
“Als één onderdeel niet goed werkt, dan werkt de hele race niet”, vertelt Gray terwijl hij richting het tien-kilometerpunt loopt. “Vaak denken mensen dat een marathon alleen maar om de hardlopers draait. Maar daarachter gaat een heel systeem schuil.”
Boven hem hangen enorme banners van ASICS langs de boulevard. In de verte schijnen de grote lichten op de bouwplaats van een nieuw hotel. En dat is precies het beeld dat Ras Al Khaimah wil laten zien aan de wereld.

Een klein emiraat met grote ambities
Ras Al Khaimah was jarenlang één van de minst bekende emiraten van de Verenigde Arabische Emiraten. Dubai profileerde zich wereldwijd met wolkenkrabbers en luxe shopping malls, Abu Dhabi trok internationale aandacht met de Formule 1 en Ras Al Khaimah bleef een rustige onbekende bestemming aan de kust. Maar daar probeert het emiraat sinds een aantal jaar verandering in te brengen. Ras Al Khaimah probeert zich namelijk steeds nadrukkelijker te positioneren als alternatief voor Dubai: rustiger, sportiever en aantrekkelijk voor internationaal toerisme.
Langs dezelfde boulevard waar de halve marathon plaatsvindt, worden steeds meer nieuwe resorts gebouwd van internationale hotelketens. Er wordt geïnvesteerd in bergtoerisme, luxe stranden en grote sportevenementen, zoals de Ras Al Khaimah Half Marathon en de UAE Tour. In 2027 moet hier zelfs het eerste casino van het Midden-Oosten worden geopend.
De Ras Al Khaimah Tourism Development Authority noemt internationale sportevenementen een expliciet onderdeel van haar strategie om buitenlandse bezoekers aan te trekken en de economie minder afhankelijk te laten zijn van olie. De jaarlijkse halve marathon is uitgegroeid tot één van de bekendste sportevenementen, met ruim 10.000 deelnemers in 2025.
Voor Nederland klinkt het misschien ver weg, maar de discussie erachter is herkenbaar. Ook Nederlandse steden gebruiken sport om zichzelf internationaal op de kaart te zetten – denk aan de Formule 1 in Zandvoort. In de Golfregio gebeurt die citymarketing op een grote schaal.
Zo gebruikte Qatar het WK Voetbal om zich internationaal te positioneren. Saoedi-Arabië investeert miljarden in golf, voetbal en Formule 1. Ras Al Khaimah probeert met hardlopen iets soortgelijks te doen. Het is kleiner maar met dezelfde ambitie om wereldwijd zichtbaar te worden: een halve marathon die wereldrecords moet opleveren.
En dat is één van de redenen waarom John Gray om kwart voor vijf ’s ochtends gespannen naar ontbrekende waterflesjes staat te kijken.

De man achter de drinkposten
John Gray loopt met snelle passen en een bezweet gezicht langs de tafels die verspreid staan over het gehele parcours. “Ik reis al sinds 2008 af naar Dubai om mee te helpen met de marathon. Sinds een aantal jaar is daar ook de Ras Al Khaimah Half Marathon bij gekomen.” Terwijl hij tussen de tafels doorloopt, vertelt hij hoe hij ooit is begonnen bij atletiekevenementen in het Engelse Gateshead. “Daar leerde ik al hoe kwetsbaar een wedstrijd eigenlijk en hoe belangrijk de organisatie ervan is”, zegt hij. “Zonder een team van professionals kom je er niet.”
Zijn portofoon kraakt aan zijn riem. Een waterpost verderop blijkt nog niet volledig opgebouwd te zijn. Gray geeft een kort antwoord en loopt verder langs het parcours. De zon is nog onder, maar overal zijn duidelijk de vrijwilligers te zien in hun gele hesjes. Sommigen van hen zijn studenten uit Dubai en anderen werken normaal gesproken op kantoren of in hotels. Vandaag vormen ze samen een belangrijk onderdeel van de race.
Hij stopt bij een tafel waar zelf gemixte sportdrankjes van topatleten in een strakke rij staan opgesteld. Op elk flesje is een sticker geplakt met daarop het startnummer van de atleet uit Kenia of Ethiopië. Gray haalt een gekreukt papiertje uit zijn broekzak met daarop de startlijst van de topatleten met hun bijbehorende startnummers. “Deze lijst met informatie krijgen wij van het elite-team”, zegt hij. “Zij zorgen ervoor dat de lijsten kloppen en zij weten welke atleet waar zijn drankje wil hebben. Dat moet precies kloppen.”
Even verderop rijdt een team van MIKA-timing langzaam over het parcours. Ze installeren de matten die straks de tijdsregistratie zullen waarnemen. Gray wijst naar de pionnen rondom de apparatuur. “Die hebben wij geplaatst, zodat er geen voertuigen overheen kunnen rijden.”
Terwijl de minuten wegtikken, verandert de lege kustweg langzaam in een startgebied waar steeds meer mensen op af komen. De laatste voorbereidingen worden getroffen: speakers worden getest, camera’s worden gericht op de startlijn, hekken worden rechtgezet en de sjeik neemt plaats in de VIP-tent. Gray kijkt nauwelijks op van de groeiende drukte. Zijn aandacht blijft bij de tafels langs het parcours. “De race wordt elk jaar groter”, zegt Gray terwijl hij richting het start-finishgebied loopt. “Meer deelnemers, meer internationale aandacht, maar ook meer druk om alles perfect te organiseren.”

Schakel tussen atleten en de race
Rond vijf uur ’s ochtends schuiven de automatische deuren van het hotel open. Elite-atleten arriveren één voor één in de lobby in traingingspakken. Sommigen luisteren rustig naar muziek, terwijl anderen zwijgend voor hun uit zitten te staren. Midden in de lobby staat de Nederlandse Anniek Lammertink-Janssen met een lijst in haar hand namen af te vinken.
“De bus vertrekt over tien minuten”, zegt ze meerdere keren achter elkaar. Niemand lijkt echt onder de indruk te zijn van de mededeling. Een Keniaanse atleet springt snel terug de lift in omdat hij zijn startnummer op zijn kamer vergeten is. Een groepje Ethiopische atleten komt heel langzaam aangelopen, alsof ze nog uren de tijd hebben. Anniek moet er stiekem een beetje om lachen. “Dit gaat ieder jaar zo.”
Ze loopt vooraan de groep, richting de bus die voor de ingang van het hotel staat en telt nog één keer hoeveel atleten en coaches er plaats hebben genomen. Ondertussen gaat haar telefoon onafgebroken af. Een coach wil weten hoe laat de warming-up begint, een commentator wil weten welke atleet beschikbaar is voor een kort interview en iemand van de timing zoekt een ontbrekend startnummer.
“Wij zijn eigenlijk de schakel tussen iedereen”, zegt ze terwijl ze een bericht terugstuurt. “Als de media iets willen, dan komen ze bij ons. Hetzelfde geldt voor de doping en de mannen van de bouw. Eigenlijk komt iedereen bij ons, omdat wij alle informatie hebben en het dichtstbij de atleten staan.”
Eenmaal aangekomen bij de start begint haar werk opnieuw. Juist omdat de race onderdeel is geworden van een internationaal prestigeproject, merkt ze dat de verwachtingen ieder jaar hoger worden. “We doen ons best om alles ieder jaar zo goed mogelijk te laten verlopen. Het hotel, het vervoer, de begeleiding”, vertelt ze. “Wij hebben een heel lijstje aan verantwoordelijkheden. Ons doel is dat de atleten zich alleen maar hoeven te focussen op het lopen van de race.”

Controle na de race
Naast de finishzone staat een witte tent die nauwelijks opvalt tussen alle sponsorborden en camera’s. Binnen zitten officials achter tafels met allerlei formulieren, verzegelde buisjes en plastic bekers.
Richard Driscoll kijkt ondertussen op zijn telefoon naar de tussentijden van de kopgroep. “Ze liggen op schema voor een mogelijk snelle tijd”, zegt hij zachtjes zonder op te kijken. Zodra de eerste lopers over de finish komen, begint het werk van het dopingteam.
Een vrijwilliger met een clipboard in haar hand stapt direct op een atleet af. Vanaf dat moment mag die loper niet meer alleen worden gelaten.
Richard loopt rustig door de tent terwijl hij uitlegt hoe streng de regels van World Athletics zijn. “Alle regels liggen vast en deze zijn heel precies en specifiek. Het is onze taak om deze zonder fouten uit te voeren.” Een paar minuten later verschijnen de eerste atleten in de dopingruimte. Ze zijn nog bezweet en ze laten zich met een handdoek om hun schouders in de stoel zakken. Richard knikt kort naar zijn collega. Het dopingproces kan beginnen.
“Wij krijgen als testers nooit de uitslag van de test te horen”, vertelt hij terwijl hij de formulieren voor de tweede keer controleert. “Dat is bewust op die manier geregeld. Wij verzamelen alleen het monster en sturen deze op. Daarna neemt World Athletics het over. “Bovendien wil ik de uitslag van de test ook helemaal niet weten, onze taak is alleen maar het verzamelen van de monsters”, vertelt hij. “And that’s the beauty of it.”
Hij stopt even met het kijken naar de formulieren terwijl er buiten een luid applaus klinkt. “Ik vind het belangrijk dat de sport geloofwaardig en betrouwbaar moet blijven”, zegt hij vervolgens. “Zeker bij wedstrijden zoals deze, die wereldwijd bekeken worden.”

Een uur racen, maanden organiseren
Tegen het einde van de middag verdwijnen de laatste hekken van de boulevard. Vrijwilligers ruimen lege dozen op, kabels worden opgerold en vrachtwagens rijden langzaam het terrein af. Waar een paar uur geleden duizenden mensen stonden, blijft nu een bijna lege kustweg over. Gray loopt nog één keer langs de finishzone terwijl medewerkers bezig zijn met het afbreken van de tenten. Zijn portofoon is eindelijk stil.
“Als niemand heeft gemerkt hoeveel werk erin zit, betekent dat meestal dat alles goed is gegaan”, zegt hij opgelucht. Even verderop liggen de atleten al te chillen aan het zwembad van het hotel na een uitgebreide lunch. Terwijl de race pas net is afgelopen, zijn de organisatoren nu al voorzichtig aan het overleggen over de race van volgend jaar.
“Als race-organisator Peter Connerton tevreden is, dan ben ik dat ook. Als ik dat van hem te horen heb gekregen, kan ik pas écht lekker gaan relaxen en een biertje gaan drinken aan het strand”, zegt Gray lachend terwijl hij het zweet van zijn voorhoofd veegt. “De dag van de race is altijd lang en intensief, maar als je dan alle blije gezichten ziet is dat het helemaal waard.”
Want hoewel de snelste lopers binnen een uur de halve marathon lopen, draait de machine erachter het hele jaar door. Want voor de organisatie draait deze halve marathon allang niet meer om alleen het hardlopen. Voor Ras Al Khaimah is het onderdeel geworden van iets veel groters: zichtbaar worden in een wereld waar sport steeds vaker ingezet wordt als economisch en politiek visitekaartje.

