22 januari 2021

Column: ‘Hey, vieze lesbo!’

Ik was 14 toen ik me realiseerde dat ik niet alleen op jongens viel. Het was een hele plotselinge verandering voor mij, maar ik wist het direct zeker: ik ben biseksueel. Ik herinner me nog die ‘wat nu’-gedachte? Moet ik het al aan mijn ouders vertellen? Mijn zus? Mijn vriendinnen? Hoe gaan ze reageren?

Nu viel het voor mij heel erg mee. Ik vertelde het mijn ouders tijdens het avondeten, waarop ik van mijn moeder ‘‘wist ik allang’’ hoorde, en mijn vader liet merken dat het hem niet echt boeide. Tijdens een aflevering van ‘The Voice of Holland’ vertelde ik het mijn zus, die vooral enthousiast reageerde. Mijn vriendinnen waren ook vooral blij dat ik het hen vertelde. Ik kreeg dus eigenlijk alleen maar positieve reacties van iedereen in mijn directe omgeving.

Maar toch voelde ik me niet helemaal geaccepteerd. In de tijd dat ik mijn haar opgeschoren had werd ik op straat nageroepen met ‘pot’, ‘doos’ of zelfs ‘transgender’. ‘’Hey, vieze lesbo!’’ is iets wat ik tientallen keren heb moeten aanhoren. Dat had mij nu niet zo veel meer gedaan, maar als onzeker 14-jarig meisje dat net uit de kast is, is het allesbehalve leuk om te horen. Onbewust leerde ik mezelf aan wat voor groepen mensen ik moest ontwijken. Ik fietste zo snel mogelijk door als ik een groepje jongeren op straat zag staan, en als ze dan wat naar me riepen deed ik alsof ik het niet hoorde. Gelukkig bleef het voor mij bij ‘kleine’ dingen als nageroepen en raar aangekeken worden.

“Onbewust leerde ik mezelf aan wat voor groepen mensen ik moest ontwijken”

Maar zo ‘makkelijk’ is uit de kast komen niet voor iedere LHBTI’er in Nederland. We zijn zeker een vooruitstrevend en tolerant land, maar dat bekent niet dat er geen ruimte meer is voor verbetering. Ik heb het idee dat we op een punt zijn gekomen waar we denken: ‘’Je mag toch gewoon homo zijn in Nederland? Dus dat zit toch wel goed zo?’’ We hangen een keer per jaar een regenboogvlag uit, en dan zijn we er wel. Maar zo makkelijk gaat het helaas niet. Het is nog steeds volgens maar 28% van de LHBTI’s geen probleem om openbaar homoseksueel te zijn (EenVandaag Opiniepanel, 2018). Dat betekent dat handen vasthouden of zoenen op straat voor veel LHBTI’s geen optie is. En dat blijkt ook wel waar te zijn, want er wordt, zelfs in Nederland, meerdere keren per maand iemand in elkaar geslagen of -geschopt omdat hij/zij homo is. Ook voor jongeren die nog niet uit de kast zijn is dat geen positief toekomstbeeld om naar uit te kijken. Zelfs ik voelde angst om uit de kast te komen, terwijl ik wist dat mijn omgeving het wel zou accepteren. Laat staan hoe het dan is voor mensen die juist denken dat hun omgeving negatief zal reageren. Het algemene beeld van de tolerantie tegenover LHBTI’s lijkt dan misschien goed, maar toch blijft het zo dat het voor de meeste mensen een hele tijd duurt voordat ze überhaupt uit de kast durven te komen. Maar als homoseksualiteit zo goed geaccepteerd wordt in Nederland, zou je toch ook niet bang moeten zijn voor de reacties?

“Als homoseksualiteit zo goed geaccepteerd wordt in Nederland, zou je toch ook niet bang moeten zijn voor de reacties?”

En natuurlijk is het beeld van de homoacceptatie in Nederland een stuk positiever dan in veel andere landen, maar die positieve woorden moeten nog wel in daden worden omgezet. We maken ons namelijk allemaal wel eens schuldig aan twee keer kijken als vrouwen hand in hand lopen, of een man een rare blik toewerpen omdat hij make-up op heeft. Want het maakt niet uit hoe vaak we zeggen dat homoseksualiteit normaal is en geaccepteerd wordt: we moeten dat met zijn allen ook gaan laten zien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *