Het nieuwsbericht, achtergrondverhaal en persoonlijk interview hangen allemaal samen. Ze gaan allemaal over het onderwerp jongeren en noodvoorbereiding.
Nieuwsbericht:
Jongeren slecht voorbereid op noodsituaties, overheid herkent probleem niet
ZWOLLE – Jongeren zijn minder goed voorbereid op noodsituaties dan andere leeftijdsgroepen. Dat blijkt uit onderzoek van het EenVandaag Opiniepanel. Vooral de aanschaf van een noodpakket vormt voor jongeren een drempel. Zij geven aan dat pakketten vaak te duur zijn en dat het lastig is om te beoordelen of de producten van goede kwaliteit zijn.
Door: Lara Knaken
Job Holzhauer, woordvoerder van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (NCTV), herkent dit beeld niet. De NCTV verspreidde eerder een informatieboekje met daarin een checklist voor noodsituaties. Volgens Holzhauer is informatie over noodvoorbereidingen bij alle huishoudens onder de aandacht gebracht. “In principe hebben we bij alle huishoudens in Nederland een boekje geleverd. Dus op die manier zullen we ze wel bereiken.” zegt Holzhauer.
Daarnaast benadrukt Holzhauer dat de overheid geen kant-en-klare noodpakketten adviseert. “Het is de bedoeling dat mensen zelf een noodpakket samenstellen,” aldus Holzhauer. Volgens hem hoeft een noodpakket niet duur te zijn. “Het idee is juist dat een noodpakket zo betaalbaar mogelijk moet zijn, het is allemaal laagdrempelig. Denk aan kaarsen, vuur en water.”
Holzhauer vertelt dat noodvoorbereidingen uiteindelijk vragen om eigen initiatief. “Denk erover na wat je nodig hebt en ga dat stapsgewijs halen. Je moet ook de tijd nemen om het in huis te halen.”
Op de website van de Rijksoverheid is een overzicht te vinden van wat burgers minimaal in huis zouden moeten hebben om zich voor te bereiden op noodsituaties.
Achtergrondverhaal:
Jongeren blijven achter bij noodpakketten
Jongeren in Nederland zijn minder goed voorbereid op noodsituaties dan andere leeftijdsgroepen. Dat blijkt uit onderzoek van het EenVandaag Opiniepanel. Vooral het aanschaffen van een noodpakket vormt een drempel. Jongeren geven aan dat pakketten te duur zijn en dat het onduidelijk is of de inhoud van goede kwaliteit is. De vraag is wie jongeren gaat helpen om wel die stap te zetten. De overheid wijst op eigen verantwoordelijkheid en commerciële aanbieders richten zich nauwelijks op jongeren.
Door: Lara Knaken
Nova Smit, een 18-jarige jongere die werkzaam is binnen Defensie, herkent ook dat veel jongeren er nog niet mee bezig zijn. Bang voor noodsituaties is ze zelf niet, maar wel bewust. “Door alles wat er speelt in de wereld, zoals spanningen rond de NAVO en politieke ontwikkelingen besef je dat risico’s reëel zijn.” zegt ze. Toch merkt ze dat dit bewustzijn niet automatisch leidt tot actie bij leeftijdsgenoten. “Voor veel jongeren voelt het als iets voor later.” Zelf heeft Smit een groentetuin en genoeg water om 72 uur mee vooruit te kunnen.
De overheid waarschuwt al langer voor mogelijke noodsituaties, zoals langdurige stroomuitval, overstromingen of uitval van communicatie. Met de campagne Denk Vooruit riep de Rijksoverheid burgers op om zelf een noodpakket samen te stellen. In een verspreid boekje staat een checklist met basisbenodigdheden, zoals water, eten, een zaklamp en kaarsen.
Volgens Job Holzhauer, woordvoerder van het Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), is die informatie bij iedereen onder de aandacht gebracht. “In principe hebben we bij alle huishoudens in Nederland een boekje geleverd. Dus op die manier zullen we ze wel bereiken,” zegt hij. Holzhauer herkent het beeld uit het EenVandaag-onderzoek dat jongeren moeilijker te bereiken zijn niet.
Tegelijkertijd benadrukt Holzhauer dat de overheid geen kant-en-klare noodpakketten adviseert. “Het is de bedoeling dat mensen zelf een noodpakket samenstellen,” zegt hij. Volgens de NCTV hoeft zo’n pakket niet duur te zijn. “Het idee is juist dat een noodpakket zo betaalbaar mogelijk moet zijn. Het gaat om laagdrempelige spullen, zoals water, kaarsen en vuur.”
Juist dat zelf samenstellen blijkt voor veel jongeren een struikelblok. Uit het onderzoek van EenVandaag komt naar voren dat jongeren niet alleen de kosten, maar ook de moeite die het vergt als bezwaar zien. Het vergt tijd om uit te zoeken wat nodig is en om alles bij elkaar te verzamelen. Holzhauer erkent dat voorbereiding inzet vraagt. “Je moet erover nadenken wat je nodig hebt en het stapsgewijs in huis halen. Dat kost tijd.”
Volgens een consumentengedragsdeskundige Anouar El Haji past dit in een patroon dat hij vaker ziet bij jongeren. Jongeren zijn minder geneigd om te investeren in zaken die vooral op de lange termijn resultaat opleveren. “Dit is vergelijkbaar met pensioenen,” zegt hij. “Het is iets voor later. Daarnaast nemen noodpakketten ook fysieke ruimte in beslag, en juist daar hebben jongeren vaak weinig van.” Kleine woningen en gedeelde woonruimtes maken het opslaan van extra spullen minder aantrekkelijk. Ook Smit herkent dit. “Financiële status maakt veel uit, je moet het eten aanschaffen, vervangen en je moet de ruimte en de tijd ervoor hebben. Het kost geld en energie. Ik heb zelf het voordeel dat ik vanuit Defensie een noodvoorraad heb meegekregen en dat mijn ouders er ook mee bezig zijn.”
“Wat mensen als een noodpakket zien, verschilt per persoon,” zegt Smit. “Veel mensen denken vooral aan eten en lampen, maar basisvaardigheden zoals kaartlezen wordt vaak vergeten. Juist dat kan in een noodsituatie cruciaal zijn.” Smit benadrukt daarnaast dat in de Tweede Wereldoorlog boeren zich vaak beter konden redden dan mensen in de stad. “Dat laat zien hoe afhankelijk we zijn geworden. Als mensen meer tijd steken in voorbereiding, verkleint dat het risico.”
Commerciële aanbieders van noodpakketten zien dit ook terug in hun klantenbestand. Bij Allprepare, een webshop die kant-en-klare noodpakketten verkoopt, bestaat het grootste deel van de klanten uit mensen van dertig jaar en ouder. Volgens Matthijs Wilming, woordvoerder van Allprepare, heeft dat meerdere oorzaken. “Jongeren zijn vaak met andere dingen bezig, hebben minder te besteden en wonen soms nog bij hun ouders,” zegt hij. “Daarnaast adverteren wij niet gericht op jongeren en maken we geen reclame via sociale media.”
Volgens Wilming kunnen bedrijven weinig doen om noodpakketten goedkoper te maken voor jongeren. “We kunnen niet differentiëren in prijs, dat kan simpelweg niet uit,” aldus Wilming. Wel ziet hij een rol voor betere informatie. “Het hoeft niet het duurste van het duurste te zijn. Jongeren kunnen ook zelf beginnen met flessen water of extra eten in huis halen. Het probleem zit vooral in weten wat je nodig hebt.”
El Haji ziet vooral een taak voor de overheid. “Als we als samenleving vinden dat jongeren beter voorbereid moeten zijn, dan moet daar een gerichte campagne tegenover staan,” zegt hij. “Niet vanuit commerciële partijen, maar vanuit de overheid. Vergelijkbaar met campagnes over stoppen met roken of maatschappelijke dienst.”
Ook Smit ziet kansen. “Geblikt voedsel is niet duur en water kan bijna iedereen wel aan de kant leggen voor 72 uur,” zegt ze. “Sociale media is de manier om jongeren te bereiken. Je moet het belangrijk genoeg maken, zodat mensen het ook echt gaan doen.”
Persoonlijk interview:
Almelose Nova wil eerste vrouwelijke commando worden

© foto: Ravi Steneker
Nova Smit (18) uit Almelo wil geschiedenis schrijven en de eerste vrouwelijke commando worden. Ook Defensie werkt aan meer gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Nova juicht zulke stappen toe, maar vindt dat er nog veel meer moet veranderen. “Voor een zorgfunctie in het leger zeggen mensen ‘stoer’, maar zodra ik zeg dat ik commando wil worden, geloven ze me niet meer.”
Door: Lara Knaken
Het Korps Commandotroepen is de special forces van Defensie. Als commando word je wereldwijd ingezet voor geheime missies, in omstandigheden die de meeste mensen nooit gaan meemaken. De selectieprocedure is een zwaar en uitdagend traject. Kandidaten moeten voldoen aan hoge fysieke, mentale en educatieve eisen. Tijdens een open dag werd Nova aangeraden om te gaan voor de commando-opleiding. Nova denkt dat ze dat wel aan kan: “Ik ben een doorzetter en reageer juist goed in stressvolle situaties. Daarnaast loop ik elke week hard en ga ik naar de sportschool. Ik bezit wel de eigenschappen om het te halen.” Nova’s beste vriendin, Larissa, staat ook achter haar. “Ze is fit, gedreven en vecht voor waar ze van houdt. Als iemand het moet doen is zij het wel.”
Motivatie en mentaliteit
“Ik studeer nu verpleegkunde. Ik heb bij Defensie een contract ondertekend waarbij mijn opleiding betaald wordt en dan begin ik na mijn studie aan een opleiding als onderofficier voor verpleegkundige in Defensie. Als ik dat heb afgerond, wil ik ook graag de opleiding tot luchtmobielbrigade doen. Dat is wat zwaarder. Daar werk je vanuit een helikopter, maar nog wel als verpleegkundige. De luchtmobiele brigade doe ik ter voorbereiding op de selectie voor het Korps Commandotroepen. Als ik daar klaar mee ben, ga ik beginnen met de selectie voor het Korps Commandotroepen.”
“Ik ben niet echt een opgever. Er zijn wel dagen dat ik aan mezelf twijfel. Ik had laatst bijvoorbeeld drie uur slaap en toen moest ik daarna tien uur lang werken. Ik keek toen een video van marinierstraining op mijn telefoon. Toen dacht ik echt: als ik dat nu zou moeten doen, dan zou ik in de grond zakken. Maar uiteindelijk is zo’n omgeving heel anders dan als je er alleen voor staat, want iedereen pusht je erdoorheen.”
Nova heeft de psychische en fysieke keuringen al gehaald. Daarnaast heeft ze ook een maatschappelijk diensttijdmissie gedaan. Daarin ga je bezig met verschillende militaire uitdagingen en vaardigheden en loop je 40 uur vrijwilligerswerk. “Eigenlijk ben je drie dagen de hele dag aan het rennen en sporten. Sommigen vinden het fysiek en mentaal heel zwaar, maar ik had daar niet zoveel moeite mee. Er wordt ook de hele dag naar je geschreeuwd. Ik vind het echt geweldig.” Tijdens een open dag trainde Nova samen met een groep jongens die graag bij het Korps Commandotroepen willen. “Trainen met hen ging me heel makkelijk af en sommigen liep ik er zelfs uit.”
Voorbereid op risico’s
Nova is niet bang voor noodsituaties. “Ik ben er wel bewust van, maar het schrikt me niet af. Ik raak er juist gemotiveerd van om binnen Defensie te gaan werken,” zegt ze. Door Defensie is Nova bewust bezig met het risico op noodsituaties en de voorbereiding daarop. “Vanuit Defensie heb ik een aantal spullen voor in een noodpakket meegekregen. Mijn ouders zijn er ook veel mee bezig. Ik zou zeker 72 uur overleven.” Bovendien gaat volgens Nova voorbereid zijn verder dan alleen een pakket in huis hebben. “Ik zou mensen graag willen meegeven dat ook het hebben van basisvaardigheden belangrijk is. Veel mensen kunnen bijvoorbeeld geen kaartlezen. Juist dat kan cruciaal zijn.”
Nova’s vader, Barry Smit, vertelde dat hij haar wel steunt, maar het moeilijk vindt dat zijn dochter deze ambitie achterna gaat. Nova begrijpt het, maar het stopt haar niet. “Ik weet dat mijn ouders het niet geweldig vinden dat ik commando wil worden. Je kind kiest ervoor om te gaan werken in gevaarlijke situaties. Maar het weerhoudt me er niet van om erbij te gaan. Het risico is hoog, maar ik heb het afgewogen met het feit dat je bij Defensie ook veel avonturen meemaakt.”
Vrouw zijn in een mannenwereld
Sinds 2018 mogen vrouwen zich aanmelden voor het Korps Commandotroepen. Verschillende vrouwen hebben het al geprobeerd, maar tot nu toe is het nog niemand gelukt. “Ik ga het gewoon doen,” zegt Nova. “Een voorbeeld voor mij is Ruby Bradley.”
Ruby Bradley was officier en verpleegkundige tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ze werd door de Japanners gevangen genomen en wist ondanks alle tegenslagen haar werk voort te zetten. “In haar zie ik eigenschappen die in alle takken van Defensie van pas komen, zoals doorgaan na tegenslagen,” zegt Nova. Ook het feit dat nog geen enkele vrouw het tot het Korps Commandotroepen heeft geschopt, motiveert haar juist. “Ik hoop dat er in de toekomst in elke tak van Defensie een vrouwelijk rolmodel is.”
“Veel vrouwen stoppen in het traject vanwege blessures. Dat komt ook wel omdat veel materialen zoals rugzakken en schoenen niet gemaakt zijn voor het vrouwelijke lichaam. Ik vind wel dat als we mannenschoenen hebben, dat we ook vrouwenschoenen mogen hebben. Dat is gewoon gelijkheid. Het is als vrouw al extra lastig, omdat je constant wordt herinnerd aan het verschil. Je moet jezelf extra bewijzen.”
“Ik merk wel dat het een mannenwereld is. Je merkt ook gewoon dat vrouwen in de minderheid zijn en dat er nog best wel een taboe zit op als een vrouw in een gevechtsfunctie wil. Soms als ik zeg dat ik commando wil worden, is het antwoord gelijk: ‘dat gaat je nooit lukken’. Dat voelt oneerlijk, maar ik lig er niet wakker van. Het geeft me juist een boost.”
“We hebben ook vrouwen nodig. Nee, ik kan geen mannelijke, goed getrainde commando eruit lopen, hoe hard ik ook train, maar dat betekent niet dat je als vrouw niet goed genoeg bent. Ik geloof dat er genoeg functies en vaardigheden binnen Defensie zijn waar vrouwen in kunnen shinen. Ze willen het percentage van vrouwen in Defensie omhoog halen en daarom hebben we juist vrouwelijke rolmodellen nodig in elke tak van Defensie.”

© foto: Pexels