Crossmediale productie: duurzaam toerisme

Nieuwsbericht:

Duurzame Nederlandse camping maakt kans op Europese PiNCAMP Award

Door: Daniella Martin

De organisatie PiNCAMP heeft in december de nominaties voor de duurzaamste campings van Europa bekendgemaakt. Het is een jaarlijkse erkenning voor campings die vooroplopen op het gebied van duurzaamheid en innovatie. Dit jaar behoort ook een Nederlandse camping tot de top drie: natuurcamping De Lemeler Esch bij de Lemelerberg. ‘’Het verbaast mij niet dat er een Nederlandse camping is genomineerd.’’ Op 16 januari 2026 wordt bekendgemaakt wie de award wint.

‘’Het verbaast mij niet dat er een Nederlandse camping is genomineerd’’, vertelt Bastiaan Overeem, programmamanager bestemmingsontwikkeling bij het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen (NBTC). Volgens Overeem lopen Nederlandse organisaties binnen Europa op veel onderwerpen voorop. ‘’Daarnaast zijn we een rijk land en hebben we de luxe om ons met duurzaamheid bezig te houden.’’ Tegelijkertijd is de Nederlandse toerismesector nationaal gezien geen koploper op het gebied van verduurzaming. ‘’Binnen Nederland springt de sector er niet uit, maar in Europees perspectief juist wel.’’

Volgens Overeem is het belonen van goed gedrag, bijvoorbeeld met de PiNCAMP Awards, belangrijk. ‘’Het is een erkenning voor Nederland, maar het zorgt vooral voor aandacht en inspiratie. Bezoekers worden zich zo steeds bewuster van de impact die zij hebben wanneer ze op reis gaan. Daardoor stijgt de vraag naar duurzame keuzes en krijgen ondernemers meer ruimte om daarin te investeren. Als de vraag ontbreekt, zien ondernemers minder snel de urgentie om ermee aan de slag te gaan.’’ Volgens Overeem moet uiteindelijk de stap worden gemaakt naar de grote massa, al kost dat tijd. ‘’Dat is iets voor over twintig of dertig jaar. We moeten ergens beginnen en daar zijn deze nominaties heel geschikt voor.’’ 

Duurzaamheid is volgens Overeem geen keuze meer, maar een noodzaak voor de toerismesector. Tegelijkertijd benadrukt hij dat het standaard maken van duurzaam toerisme lastig te realiseren is. Juist daarom zijn initiatieven als de PiNCAMP Awards belangrijk: ‘’Ze laten zien waar de sector naartoe moet groeien.’’

Foto: Daniella Martin

Achtergrondverhaal:

Bewust reizen begint bij rust, natuur en kleine stappen

Door: Daniella Martin

Vliegen naar Ibiza voor een weekendje, drie keer per jaar op vakantie of een cruise naar de Middellandse Zee: allemaal leuk, maar duurzaam? Niet echt. De wereldwijde toerismesector is verantwoordelijk voor zo’n 7,3% van de totale broeikasgasuitstoot, blijkt uit cijfers van het World Travel & Toerisme Council (WTTC) uit 2024. Duidelijk is dat het anders moet. ‘’Mensen handelen niet naar iets wat ze niet weten. Bewustwording is de eerste stap naar duurzamer toerisme.’’

Wie over de camping van De Lemeler Esch loopt, merkt vooral wat er niet is: geluid. De hutten staan ver uit elkaar, omringd door natuur, waardoor rust en privacy vanzelf ontstaan. Alleen vogels doorbreken de stilte. Bordjes bij de douches, met teksten als ‘weet je wel hoeveel water je verbruikt als je 5 minuten douchte?’, herinneren bezoekers eraan dat duurzaamheid hier geen slogan is, maar onderdeel van het verblijf.

Toerisme kan veel bijdragen aan de economie, maar belast ook natuur en klimaat. Daarom moet het duurzamer en rekening houden met milieu, natuur, lokale bevolking en de toekomst. Die verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij overheden, maar ook bij toeristen en ondernemers. De PiNCAMP-nominaties die in december bekend zijn gemaakt, erkennen jaarlijks de duurzaamste campings van Europa. Dit jaar behoort ook de Nederlandse camping De Lemeler Esch tot de top drie, een voorbeeld van hoe Nederland binnen Europa vooruitloopt op duurzaam toerisme.

Duurzaamheid komt in de praktijk niet altijd goed van de grond. Joost Ellenbroek, eigenaar van de camping De Lemeler Esch, noemt het vaak vooral een marketingterm. ‘’Ik word regelmatig gebeld door Eneco voor een contract groene stroom, maar als ik dan vraag wat er precies groen is, blijft het stil. Dat is echt greenwashing: zeggen dat je duurzaam bent, maar het niet kunnen onderbouwen.’’ Ook de regels werken soms tegen ondernemers. ‘’Voor de ANWB-classificering moet je aan allerlei kleine eisen voldoen die niet met duurzaamheid te maken hebben. Zo moet je als camping minimaal drie haakjes in de douche hebben. Als ik dan een plankje van hout creëer, waar gasten ook hun spullen op kunnen leggen, wordt dat niet goedgekeurd. Echt complete onzin.’’ Volgens hem stimuleert dit niet om te investeren in duurzame oplossingen.

‘’Het vertrouwen dat mensen hebben in duurzaamheid verdwijnt door greenwashing’’, vertelt Jannah Boerakker, projectleider bij het Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid (IVN). Volgens haar begint duurzaamheid bij bewustzijn: ‘’Je kan niet handelen naar iets wat je niet weet.’’ Als er helemaal geen maatregelen zouden worden genomen, zou dat volgens Boerakker negatieve gevolgen hebben. ‘’Dan krijgen we te maken met overtoerisme, waardoor de natuur wordt verstoord en overbelast. Door het juiste beleid en bewustwording kunnen mensen blijven genieten, terwijl de kwaliteit van de natuur behouden blijft. In Nederland is er genoeg verschillende natuur om te ervaren, zodat het aantrekkelijk blijft voor een breed publiek.’’

Volgens Ko Koens, lector op het gebied van duurzaam toerisme aan Inholland Hogeschool, wordt er te veel verantwoordelijkheid op de consument afgeschoven, terwijl dit de groep is die het minst geïnformeerd is. De verantwoordelijkheid ligt volgens hem bij een combinatie van industrie en overheid. ‘’De overheid moet kaders scheppen die gehandhaafd kunnen worden. De industrie heeft de taak om duurzaamheid serieus te nemen.’’ Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. ‘’We leven in een vrijemarkteconomie, en om het systeem te veranderen, moet de hele sector in transitie gaan. Het systeem is nu ingericht op kostbesparing en efficiëntie, niet op het stimuleren van duurzaamheid.’’ Om echt te verduurzamen, moet volgens Koens ook de definitie van succes veranderen. ‘’Nu meten we succes aan het aantal toeristen en economische inkomsten, Als dat de enige maatstaf blijft, gaat verduurzamen niet lukken.’’.

In de gemeente Zwolle wordt de focus op toerisme al een paar jaar verlegd. ‘’Vroeger ging toerisme eigenlijk altijd om meer, meer, meer, maar dat is een aantal jaar geleden losgelaten’’, vertelt Marjan Willems, adviseur vrijetijdseconomie en citymarketing. Ook de lokale bevolking blijft voorop staan. ‘’Zwolle is een opkomende toeristische stad, dus er komt meer aanbod. Voordat we dat realiseren, kijken we eerst naar de invloed op bewoners.’’ Om de ecologische voetafdruk zo laag mogelijk te houden, richt de stad vooral op toeristen uit buurlanden. Willems geeft toe dat de beperkte middelen van de gemeente soms betekenen dat commerciële initiatieven sneller prioriteit krijgen dan duurzame projecten.

Volgens Bastiaan Overeem van het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen (NBTC) zijn er echter verschillende financieringsmogelijkheden beschikbaar die gemeenten en ondernemers kunnen gebruiken om duurzaam toerisme te stimuleren. ‘’Ik snap heel goed dat iemand zegt dat middelen beperkt zijn, maar er zijn generieke regels en subsidies die voor alle sectoren gelden. Vaak is het een kwestie van weten hoe je die kunt gebruiken.’’

Toch laat de praktijk zien dat er niet altijd gewacht hoeft te worden op beleid of subsidies om aan de slag te gaan. Vanuit de trainingen die Jannah Boerakker aanbiedt, hoopt ze ondernemers te inspireren en de waardering voor de natuur te verhogen. De positieve reacties die ze terugkrijgt zijn het zaadje van bewustzijn dat is geplant. ’’Hé verrek, dit kan ik eigenlijk zelf ook wel doen, zelfs in mijn eigen tuin’’, vertelt een deelnemer van de training.

Foto: Pixabay

Persoonsgericht verhaal:

Van familiecamping naar Europese top in duurzaamheid

Door: Daniella Martin

De nominaties voor de PiNCAMP Awards 2026 werden in december bekendgemaakt. Tussen campings uit heel Europa staat ook de Lemeler Esch, een natuurcamping aan de rand van de Lemelerberg. Eigenaar Joost Ellenbroek staat met zijn camping in de top drie van de categorie duurzaamheid. Deze nominatie is hem gelukt door de mentaliteit die in de camping zit. ‘’Gewoon doen’’, zegt hij. ‘’Anders kom je nergens.’’

Duurzaamheid was voor Joost Ellenbroek lange tijd geen bewuste keuze. Toen zijn ouders in 1982 de camping overnamen, was de Lemeler Esch nog een gewone familiecamping. Pas jaren later begon die koers te verschuiven. ‘’Langzamerhand ontstond er een soort ideologie. Ze wilden steeds meer met de natuur ondernemen.’’ Zuinig omgaan met water, spullen hergebruiken en liever een broek kopen die langer meegaat. ‘’Dat zat er bij ons thuis gewoon in,’’ vertelt hij met een zucht. ‘’Die mentaliteit is er op een gegeven moment gewoon helemaal ingestampt.’’ Toch betekende dat niet dat hij automatisch in het bedrijf stapte. Ellenbroek werkte af en toe mee op de camping, vooral als vakantiebaan. ‘’Het bedrijf van je ouders overnemen is niet iets wat je zomaar doet. Dus heb ik veel buiten de deur geproefd. Ik wist ook helemaal niet wat ik wilde.’’

Uiteindelijk besloot Ellenbroek toch in de voetsporen van zijn ouders te treden. Niet omdat het vanzelfsprekend voelde, maar omdat het moment goed voelde. ‘’Het was op een gegeven moment gewoon de uitgelezen kans. Ik wist wel dat ik wilde ondernemen. Dat past bij mij. Je kan alles doen wat je wilt en geen dag is hetzelfde.’’ Bij de overname wist hij één ding zeker: hij wilde het anders aanpakken dan zijn ouders. Grote beslissingen neemt hij niet alleen. ‘’Ik wil veel meer overleggen met het team voordat er een knoop wordt doorgehakt. De ervaring en het gevoel van de mensen hier vind ik belangrijk.’’ Voor Ellenbroek staan zijn medewerkers voorop. ‘’Zij zijn voor mij prioriteit nummer één.’’

Ondanks het plezier die Ellenbroek uit zijn werk haalt, komt er ook veel verantwoordelijkheid bij kijken. ‘’Aan de ene kant wil je meegaan met de trends zonder je eigen identiteit te verliezen. Anderzijds, hoe krijg je dat dan voor elkaar? Hoe ga je dan wel worden wie je bent?’’ Vaak is het even ademhalen en dan weer aan de slag. ‘’Doorgaan zelf is niet lastig. Nee. Door te blijven gaan, dát is lastig.’’ Tegenslagen horen erbij, maar die vallen bij hem zwaar. ‘’We wilden een nieuwe website voor de kerstvakantie afronden, maar die datum is verzet. Dat vind ik moeilijk’’ Normaal werken er twee of drie medewerkers aan de website, straks zullen er dat volgens hem acht zijn. Ellenbroek wil alles tot in de puntjes geregeld hebben. ‘’Ik hou van een uitdaging, maar ik word niet graag op deze manier uitgedaagd.’’

Als het uiteindelijk lukt om een project af te ronden, duikt er bij Ellenbroek vaak meteen weer een nieuw idee op om mee aan de slag te gaan. ‘’Het gaat altijd zo: mooi, het is weer gelukt, en wat doen we nu? We nemen te weinig tijd om te vieren wat we hebben bereikt.’’ Ellenbroek ziet zichzelf en zijn team nog steeds als de grootste prioriteit. ‘’Er is één ding belangrijker dan de gast, en dat zijn wij zelf. Om echt te kunnen afschalen ga ik gewoon grasmaaien en voor me uit staren. Dat klinkt misschien stom, maar het is heerlijk om tot rust te komen.’’ Het belangrijkste is bij jezelf blijven, zegt hij. ‘’Voorheen keek ik veel op naar anderen, maar door het ondernemen heb ik vooral geleerd: vertrouw op jezelf.’’ Daarnaast volgen hij en zijn bedrijfspartner Maaike Galgenbeld een training om te zorgen dat het werk overzichtelijk blijft en niet te veel wordt. ‘’De externe coaching helpt enorm. Je leert veel meer te reflecteren, en dat is iets wat wij echt moeten leren.’’

Toch voelt het werk voor Ellenbroek pas echt geslaagd als mensen van zijn camping vertrekken met een groter bewustzijn van de natuur om hen heen. ‘’Om eerlijk te zijn, hou ik helemaal niet van een vol terrein. Het gaat me om de sfeer en om hoe de gasten hun verblijf ervaren, of het nu druk is of rustig.’’ Het werk is zwaar, maar brengt ook mooie momenten met zich mee. ‘’Het mooiste vind ik om te zien hoe kinderen die aan het begin van hun vakantie afstand houden van elkaar, aan het einde huilen omdat ze uit elkaar moeten. Dat zijn voor mij de mooiste momenten.’’

Zulke momenten geven Ellenbroek het gevoel van trots op de camping. ‘’Het komt echt uit ons hart en onze ziel, wat we doen. Soms kijk ik even rond en denk ik: verdomme, het is echt gewoon mooi.’’ Ellenbroek heeft de camping gevormd tot wat het nu is, maar de camping heeft hem ook gevormd. ‘’Het mooiste aan dit vak is dat ik mezelf voortdurend blijf ontwikkelen.’’ Waardering voor de plek zal hij altijd houden. ‘’Deze camping zorgt ervoor dat ik elke dag brood op de plank heb, dus je moet er ook een beetje lief voor zijn.’’

Foto: Joost Ellenbroek

Video verantwoording:

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *