
De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) start dit voorjaar opnieuw met de bestrijding van de Aziatische tijgermug in de gemeente Dronten. Aanleiding daarvoor is dat vorig jaar binnen een straal van 500 meter rond enkele adressen tijgermuggen zijn aangetroffen. Omdat de eitjes van deze mug de winter kunnen overleven, is het mogelijk dat de soort nog steeds aanwezig is. Met de maatregelen wil de NVWA voorkomen dat de mug zich verder verspreidt en zich blijvend in Nederland vestigt.
In april en mei voert de NVWA twee nabehandelingen uit in het gebied waar eerder tijgermuggen zijn gevonden. Daarbij worden onder andere stilstaande waterbronnen weggehaald, wordt water waarbij dat niet lukt behandeld met een middel dat muggenlarven doodt en worden er muggenvallen geplaatst. Ook worden straatkolken behandeld om nieuwe broedplaatsen te voorkomen. Medewerkers van de NVWA en B2 Pest Control kunnen in deze periode bij bewoners aanbellen met het verzoek om tuinen te inspecteren.
Hoewel de Aziatische tijgermug bekendstaat om het verspreiden van ziektes zoals dengue en chikungunya, is het risico voor inwoners momenteel zeer klein. Je wordt alleen ziek van een beet van een tijgermug als die mug een virus bij zich draagt. ”Deze virussen circuleren nog niet in Nederland, dus het is zeer onwaarschijnlijk dat een tijgermug in Nederland een virus bij zich draagt” aldus Ronald van Rij, Hoogleraar experimentele virologie, Radboud Universitair Medisch Centrum. De bestrijding is erop gericht om te voorkomen dat de mug zich hier vestigt om de kans op virusverspreiding tegen te gaan.
