Heleen Koeslag
Treinreizigers moeten zich in 2026 opmaken voor hogere tarieven, terwijl volgens reizigersvereniging Beter OV de kwaliteit van de dienst achterblijft. Rikus Spithorst, voorzitter van Beter OV, waarschuwt dat reizigers “steeds meer betalen, maar er steeds minder voor terugkrijgen”. Zijn vereniging signaleert terugkerende problemen, zoals gebrekkige reisinformatie, uitval van treinen, drukte op lange trajecten en het gebrek aan toezicht in de eerste klas. Spithorst benadrukt dat dit het vertrouwen van reizigers ondermijnt: “Als je wegwuift wat er misgaat, kun je het ook niet oplossen.”
Vorige maand heeft de NS bekend gemaakt dat de prijs van een regulier treinkaartje in 2026 met ongeveer 6,5 procent zal stijgen. Evert Meijers, universitair hoofddocent Sociale Geografie en Planologie aan de universiteit van Utrecht schreef vorig jaar in augustus dat ‘ondanks teleurstellende prestaties en het aangekondigde pittige najaar door onderhoud en tekorten aan van alles houdt de NS zich vast aan een generieke prijsverhoging’. Deze verhoging bestaat voornamelijk uit verwachte inflatie en het inlopen van achterstallige inflatie. Zonder deze spreiding zou de prijsstijging richting de 12 procent gaan.
Spithorst ziet de stijging als problematisch, omdat reizigers al langer geconfronteerd worden met prijsverhogingen terwijl de dienst niet altijd betrouwbaar is. “Het spoor is één van de weinige sectoren die nog steeds onder het oude niveau zit. Als je kwaliteit biedt, keren reizigers vanzelf terug,” zegt hij. Volgens Beter OV moet NS terug naar de basis: een betrouwbare dienstregeling, duidelijke informatie en zichtbaar personeel.
Bram de Regt, woordvoerder bij de NS, geeft context bij de prijsstijging. Hij legt uit dat NS de tarieven niet zelfstandig kan bepalen: “NS rijdt de concessie opdracht van de overheid en kan de prijs van het treinkaartje niet zelf aanpassen. De stijging volgt deels de inflatie en deels het inlopen van achterstallige inflatie’. De Regt wijst daarnaast op maatregelen die NS neemt om treinreizen betaalbaar te houden, zoals bestaande kortingsregelingen voor kinderen, jongeren en senioren, en het spreiden van een deel van de prijsverhoging over meerdere jaren. Ook investeert NS in nieuwe treinen en schoonmaakinstallaties. “We willen het reizen betaalbaar houden, maar we moeten ook zorgen dat de trein blijft rijden,” zegt hij.

