11 januari 2026

Het sportjaar 2026: wat valt er te winnen?

2026 wordt een jaar waar sportliefhebbers nu al naar uitkijken. Natuurlijk staan vaste evenementen als de Tour de France en de Formule 1 weer op de kalender, maar vooral het WK voetbal en de Olympische Winterspelen maken van 2026 een bijzonder sportjaar. Niet alleen vanwege de sportieve strijd, maar ook omdat er achter de schermen veel verandert. Wat valt er eigenlijk te winnen, behalve medailles? 

Het sportjaar begint al vroeg met de Olympische Winterspelen in Italië. De Spelen vinden plaats in Milaan en in de berggebieden daaromheen. Op 6 februari is de openingsceremonie. Zo’n 3.000 sporters uit 93 landen doen mee, verdeeld over zestien sporten. Nieuw dit jaar is ski-alpinisme, een sport waarbij atleten zonder skiliften de bergen op klimmen en daarna weer afdalen. Het is zwaar, technisch en past goed bij het Italiaanse berglandschap. 

Italië probeert de Spelen betaalbaar te houden door vooral gebruik te maken van bestaande en tijdelijke sportlocaties. Volgens Elmer Sterken, hoogleraar monetaire economie, is dat een verstandige keuze. 
“Dat helpt zeker,” zegt hij. “In Parijs werd ook bijna alles tijdelijk of in bestaande gebouwen georganiseerd. Zo voorkom je dat er na afloop lege sportcomplexen blijven staan.” 

Toch verwacht Sterken niet dat de Spelen Italië veel geld gaan opleveren. “De kosten tijdens het evenement worden meestal gedekt door tv-rechten en sponsoring,” legt hij uit. “Maar de investeringen vooraf maken uiteindelijk het verschil, en daarblijft vaak weinig van over.” 

In de zomer is het de beurt aan het WK voetbal voor mannen. Het toernooi begint op 11 juni in Mexico-Stad, en wordt daarna gespeeld in Canada en de Verenigde Staten. Nog nooit eerder werd een WK verdeeld over drie landen. Dat biedt kansen voorkleinere voetballanden, maar zorgt ook voor lange reizen en grote verschillen in temperatuur voor de spelers. 

Ook het aantal deelnemende landen is groter dan ooit. Met 48 teams  is dit het grootste WK tot nu toe. Daarmee groeit niet alleen het toernooi, maar ook het commerciële belang. 
Volgens Sterken is die ontwikkeling herkenbaar. “Wat voor de Olympische Spelen geldt, zie je ook bij het WK. Economisch gezien leveren dit soort evenementen zelden op wat vooraf wordt beloofd.” 

Nederland begint het WK op juni in Dallas tegen Japan. En wat onze Oranjes betreft? De verwachtingen zijn voorzichtig positief. Het Nederlands elftal liet op het vorige WK zien dat het kan meedoen op het hoogste niveau. Ook tijdens de Winterspelen van 2022 presteerde Nederland goed met maar liefst zeventien medailles. 

Of 2026 landen economisch veel oplevert, blijft de vraag. Maar sportief belooft het een jaar te worden waarin fans volop kunnen meeleven. En dat van de Italiaanse bergen tot de Amerikaanse stadions. 

Related Post

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *