5 april 2026

Verdachte Mourad A.: “Ze is geen wolf in schapenvacht, maar een duivel in een menselijk gedaante.” 

Rechtbank Amsterdam - Loes Vroon

“Het is geen slachtoffer, degene van de inbraak is een slachtoffer.” Dat zegt de 39-jarige Mourad A. uit Gouda op 20 februari 2026 in de rechtzaal in Amsterdam. Hij wordt verdacht van inbraak, laster, doxing en bedreiging.  

“Ze is geen wolf in schapenvacht, maar een duivel in een menselijk gedaante”, aldus Mourad A. Dit zegt hij over Bensa B., van wie hij een foto en het adres heeft gedeeld op een Tiktok livestream. Ook zou hij hebben ingebroken in een huis in Gouda. Daarom verschijnt hij in de rechtbank van Amsterdam. 

Bensa B. en Mourad A. zouden vaak samen live gaan om mensen te ‘exposen’. In de aangifte schrijft Bensa B.: “Het ging nooit te ver.” Volgens de verdachte is Bensa B. begonnen met hem te ‘exposen’ op Tiktok. Daarom deed hij het terug. “Tiktok is geen positieve omgeving, daarom zit ik hier. Mensen gaan je naaien.” Dat zegt de verdachte. 

In de eerste livestream die wordt besproken in de rechtszaak heeft Mourad A. het adres en een foto van het slachtoffer geplaatst, zonder hoofddoek. “Zij is kapot geneukt door drie gasten uit Amsterdam”, zegt de verdachte tijdens die livestream. In de rechtbank zegt hij dus ook dat Bensa B. is begonnen en hij het daarom terug heeft gedaan. Dat is zijn meest gebruikte argument deze rechtszaak. 

In de tweede livestream zou Mourad A. het slachtoffer met de dood hebben bedreigd. Alleen de profielfoto van de verdachte was te zien en de stem van Mourad A. werd gekoppeld aan de stem in de livestream. Hij zei dingen als “Wollah als ik jou niet dood maak dan ben ik een hoerenkind” en “Als de gevangenisstraf voor moord vijf jaar zou zijn zou ik je vermoorden”.  

“Wat ik dan niet snap, is waarom u als 39-jarige man, een meisje zou ‘exposen’ op Tiktok?”, zegt een van de rechters tegen Mourad A. Zijn reactie daarop is “Ik kijk ook naar mezelf, maar zij is begonnen, dus dan doe ik het terug”. De officier van justitie is het daar niet mee eens. “Hij doet niet aan zelfreflectie, want dan zou hij het niet terug doen”, zegt de officier van justitie, met een hele duidelijke, bijna geïrriteerde toon. Ze vindt als Bensa B. was begonnen dat geen rede is om het terug te doen.  

Het kortste onderdeel in de rechtszaak is de huisinbraak. Die bekend hij. “Dat heb ik gedaan, 100%”, zegt hij. De verdachte zit onderuitgezakt met zijn slippers en losse kleding aan. Hij zit er heel rustig bij. Mourad A. zegt dat hij financiële problemen had en geen andere uitweg zag. Volgens hem waren de sieraden nep en hadden geen waarde, daarom heeft hij ze weggegooid.  
Hij geeft aan spijt te hebben van de inbraak.  

Related Post

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *