Het is de droom van elk meisje dat later misschien wel profhandbal wilt spelen. Bij het Nederlands elftal en in het betaalde handbal in Europa. Toch wordt deze droom maar voor weinig sportsters werkelijkheid. Een van de redenen kan een blessure zijn. Sportblessures in het algemeen zitten volgens het CBS nog steeds in een stijgende lijn. Suus van der Zee (19), een jonge talentvolle handbalster bij Wijhe’92, is een van die speelsters die door haar blessure deze droom voorlopig kan vergeten.
Jonge handbalsters die op hoog niveau trainen en spelen, lopen een verhoogd risico op blessures door de combinatie van hoge trainingsbelasting, vroege specialisatie en fysieke ontwikkeling in de puberteit. Deze factoren samen kunnen leiden tot blessures die grote gevolgen hebben voor hun sportcarrière én hun mentale welzijn. Blessures zorgen ervoor dat sportsters tijdelijk stil komen te liggen in hun ontwikkeling, waardoor ze kansen missen om naar betere clubs te gaan. In de sport telt elk gespeeld jaar. Dit kan ook leiden tot een enorme prestatiedruk en revalidatiedruk, waardoor jonge handbalsters er mentaal onderdoor kunnen gaan.
Tegelijkertijd laten deskundigen en praktijkvoorbeelden zien dat gerichte begeleiding, preventieve training en een goede afstemming tussen sporters, coaches en zorgprofessionals het risico op blessures aanzienlijk kunnen beperken.
Morris Kippers is de trainer van Kwiek Dames 2 en assistent-trainer van Kwiek Dames 1. Beide teams spelen op het hoogste niveau van Nederland en hebben meerdere jeugdinternationals in hun selectie. Hij geeft aan dat ze bij Kwiek regelmatig te maken hebben met blessures: “Wij hebben nu vier meiden met kruisbandletsels; die liggen er dan minimaal negen maanden uit. Daarnaast heb je ook veel kleinere pijntjes, zoals verrekte enkels en gekneusde polsen.”
Volgens Morris Kippers draait blessuregevoeligheid bij jonge handbalsters vooral om de balans tussen belasting en belastbaarheid. Topsport vraagt om een hoge trainingsfrequentie, maar dat leidt niet automatisch tot meer blessures. “Je bent veel aan het trainen, maar als de balans goed is, heeft dat niet per se een negatieve invloed,” zegt hij. Problemen ontstaan vooral wanneer jonge speelsters te snel worden blootgesteld aan een zwaar programma. “Je moet niet in één keer van twee naar acht trainingen per week gaan. Dat moet je rustig opbouwen”, aldus Morris Kippers
Vooral in de krachttraining moet er rekening worden gehouden met de leeftijd van de sportsters. “Niet iedereen is al volledig uitgegroeid, daar moet je echt scherp op zijn. Hier vallen ook veel blessures, vooral door overbelasting,” benadrukt Morris Kippers. Langdurige overbelasting kan gevolgen hebben voor zowel prestaties als carrière, zeker wanneer signalen van vermoeidheid worden genegeerd. Daarom is communicatie essentieel: “Als meiden aangeven dat het niet gaat, moet je daar iets mee doen. Die afstemming is cruciaal.”
Suus van der Zee ervaart direct de keerzijde van topsport. “Ik loop nu rond met een achterste kruisbandblessure, waardoor ik 1,5 jaar niet kon handballen. Dat heeft mijn ontwikkeling stilgezet en me soms echt verdrietig gemaakt.” De druk om snel terug te keren is groot, vooral vanuit haar eigen ambitie: “Ik wil zelf graag snel terug, dat is de grootste druk.” Tegelijkertijd merkt ze dat goede begeleiding cruciaal is: “Bij Wijhe letten ze goed op blessures. De fysio, verzorgers en trainers stemmen alles met me af.” Nu speelt Suus van der Zee met een brace en volgen er nog twee operaties. Ze weet hoe belangrijk het is om signalen van het lichaam serieus te nemen: “Zorg dat je in goede conditie bent en trek op tijd aan de bel bij blessures.”
Mireille Smit is een sportfysiotherapeut en ook zij ziet dagelijks hoe jonge handbalsters kwetsbaar zijn voor blessures. “Veel blessures ontstaan door een verkeerde techniek,” legt ze uit. Volgens haar zijn neuromusculaire training (NMT), techniekverbetering en goed herstel cruciaal om blessures te voorkomen. “Door specifieke oefeningen te doen die balans, coördinatie en kracht verbeteren, kunnen sporters hun lichaam beter beschermen tegen letsel.”
Dankzij deze aanpak ziet Mireille Smit dat jonge speelsters sneller herstellen en het plezier in handbal behouden. “Met gerichte training en goede begeleiding kun je blessures niet altijd voorkomen, maar je kunt het risico aanzienlijk verkleinen en een gezonde carrière ondersteunen.”
Volgens Morris Kippers en Mireille Smit is het essentieel om de carrières van jonge handbalsters structureel te beschermen. “Het gaat om goede monitoring van trainingsbelasting, realistische verwachtingen en aandacht voor herstel,” zegt Morris Kippers. Ook Mireille Smit benadrukt dat minder eenzijdige belasting en gerichte neuromusculaire training blessures kunnen voorkomen. “Door sporters goed in balans te houden en te zorgen voor constante afstemming tussen coach, speler en medische staf, kunnen we hun ontwikkeling en plezier in het spel behouden,” legt ze uit. Structurele veranderingen in training en begeleiding zijn dus cruciaal om talenten gezond en succesvol te laten doorstromen naar topsport.
Suus van der Zee kijkt ondanks haar blessure vooruit: “Ik heb geleerd dat luisteren naar je lichaam en geduld essentieel zijn.” Voor haar is de blessure een keerpunt geweest, maar ook een leermoment. Haar ervaring laat zien dat topsport veel vraagt van jonge speelsters en dat zorgvuldige begeleiding, preventie en afstemming tussen alle betrokkenen cruciaal zijn om talenten gezond te laten doorgroeien.