5 april 2026

“Je kan echt gewoon levens redden met zoiets”

FOTO: Quint van Tongeren

WAGENINGEN – Hoe ver ga je als eerstejaarsstudent voor een goed doel? Voor Quint van Tongeren was het antwoord helder: “Een 24 uur ERGO-meter marathon.” Met zeven man hield hij een roeimachine een etmaal lang draaiende om geld op te halen voor kankeronderzoek. “In totaal hebben we drieëntwintighonderd euro opgehaald. Dat is echt heel veel geld.”

Quint komt van Texel. “Daar ben ik opgegroeid in principe.” Inmiddels studeert hij Biologie aan we Wageningen University & Research. De keuze voor die studie was vanzelfsprekend. “Als klein kind was ik altijd wel bezig met de natuur en dieren.” In Wageningen voelt hij zich al snel thuis. “Je kan het aardig wel een dorp noemen, Wageningen. Aangezien ik van Texel kom is dat best wel een voordeel.”

Via de Wageningse studentenroeivereniging W.S.R. Argo kwam hij terecht bij een herengezelschap. “Om lid te worden moesten de aspiranten opdrachten uitvoeren, maar we moesten ook iets voor het goede doel doen.

Die opdracht werd serieuzer dan vooraf gedacht. De groep koos voor Stelvio for Life.
“Dat is een organisatie die geld ophaalt voor genetisch onderzoek naar kanker. Dus eigenlijk genetische behandeling voor patiënten te zoeken. Wat het beste voor een patiënt werkt.”

De actie: een 24-uurs marathon op de ERGO-meter. “Een ERGO-meter, dat is zo’n roeiapparaat.” In shifts van drie kwartier zorgden ze dat de machine bleef draaien. “Je hoeft eigenlijk in totaal helemaal niet zo heel veel te roeien. Ik denk drie uur of zo, drieënhalf. Alleen het ding is, het is wel verspreid over 24 uur. Dus je kan eigenlijk niet echt een volle nachtrust krijgen. Dat maakt het heel zwaar.”

En zwaar werd het. “Je bent eigenlijk gewoon in totaal misschien wel veertig uur wakker ofzo. Aan het einde was ik echt kapot.” Toch kijkt hij er positief op terug. “Het was best wel heel erg leuk om te doen eigenlijk, achteraf gezien. Het was wel heel zwaar.”

Om zoveel mogelijk geld binnen te halen, koppelden de studenten ludieke opdrachten aan donaties. “Als mensen een bepaald bedrag doneerden, dat we dan iets moesten doen.” Voor acht euro een biertje atten, voor vijftien euro een kamer schoonmaken, voor vijfenzeventig euro in de Rijn springen. “Dat moest ik ook doen, heel koud.”

De hoofdprijs lag hoger. “Voor driehonderd euro ging ik samen met een mede-aspirant kaal.” Hij lacht als het ter sprake komt. “Ja, het is gelukt, zoals je ziet.”

De keuze voor het goede doel kwam niet uit de lucht vallen. “Een van de andere jongens in het gezelschap, die heeft een familielid verloren aan kanker. En daarvoor wilde die eigenlijk geld ophalen om een behandeling beter… voor betere behandelingen in de toekomst.” De combinatie met hun eigen opdracht lag voor de hand. “Als we dat nou gewoon combineren, dan halen we veel meer geld op.”

De communicatie verliep via sociale media en in de vereniging. “Dat hebben we eigenlijk gedaan via Instagram. Ook hebben we posters gemaakt. We hebben doorgestuurd naar appgroepen.” De betrokkenheid bleek groot, want de teller liep snel op.

Na afloop overheerst trots. “Ja, ik denk het wel. Zeker, ja.” Niet om het kale hoofd, maar om de impact. “Meer trots van dat je iets goed hebt betekend.” Even later zegt hij het nog stelliger: “Je kan echt gewoon levens redden met zoiets.”

Voor Quint betekende de actie meer dan alleen geld ophalen. Als eerstejaars in een nieuwe stad hielp het hem wortelen. “Doordat ik veel meer mensen leer kennen, dan is het eigenlijk, went het veel sneller om hier naartoe te verhuizen.”

Zijn advies aan andere studenten is eenvoudig: “Gewoon bij een vereniging te gaan. En soms gewoon iets te doen wat je eigenlijk misschien liever niet zou willen doen. Een beetje uit je comfortzone gaan.”

Zelf heeft hij ervaren wat dat oplevert: 24 uur zonder slaap, een kaal hoofd – en 2300 euro voor onderzoek dat levens kan veranderen.

Related Post

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *