16 mei 2026

“Als wij met elkaar zijn, is het altijd ruzie”: tegenstrijdige verklaringen in mishandelingszaak

Afbeelding: Pexels, dp singh Bhullar

UTRECHT, 8 MEI 2026 – “Als wij met elkaar zijn, is het altijd ruzie”, klinkt door de zaal in het zwaar Amsterdamse accent van de verdachte. Hij staat terecht voor mishandeling van zijn toenmalige partner. Het slachtoffer zelf is ook aanwezig, dit zorgt voor gespannen blikken voor de politierechterzitting begint. De zitting begint onrustig. Het slachtoffer heeft een verzoek tot schadevergoeding ingediend, maar zowel de rechtbank als de advocaat van de verdachte blijken dit niet tijdig ontvangen te hebben. De bode haast zich naar de printer terwijl de aanwezigen in stilte wachten. Bij terugkomst vervolgt de verdachte: “Die verklaring klopt niet, dat ik haar heb geslagen is totale onzin”.

De verklaring waar hij naar verwijst is die van een Poolse buurvrouw. Op 28 mei 2025 hoorde zij ruzie en “een geluid alsof er met spullen werd gegooid”. Toen ze bij de woning van het slachtoffer aankwam trof ze een ingetrapte deur aan. Bij binnenkomst zag ze volgens haar verklaring het slachtoffer op een stoel zitten en een klap in het gezicht krijgen. Ze belde meteen de politie. Agenten arriveerden zo’n 20 minuten later. Zowel het slachtoffer als de verdachte gaven toe dat ze ruzie hadden maar ontkenden geweld. Er is door de politie op dat moment geen letsel waargenomen. Vijf dagen later deed het slachtoffer toch aangifte van mishandeling, ondersteund met foto’s van haar verwondingen. 

Volgens de officier van justitie is zo’n gang van zaken niet ongebruikelijk bij huiselijk geweld. Schaamte, angst en loyaliteit kunnen een rol spelen bij het uitstellen van aangifte. Mishandeling kan bewezen worden, stelt zij. Ze eist zestig uur taakstraf en een voorwaardelijke celstraf van twee weken. Voor aanvullende schadevergoeding, boven de 2500 euro die reeds ontvangen is van het schadefonds geweldsmisdrijven, ziet zij geen ruimte. 

De advocaat van de verdachte schetst een ander beeld. Hij betoogt dat de aangifte niet klopt en voortkomt uit een conflict rond het gezamenlijke kind, dat eind 2024 is geboren. De verdachte heeft zijn kind sinds de aangifte niet meer gezien. Het slachtoffer zou inmiddels een nieuwe relatie hebben en het contact tussen vader en kind proberen te beperken. De verdachte had het hier eerder in de zitting ook al over: Ik vind dit niet eerlijk, dit is pure pesterij. Het enige wat ik wil, is zorgen voor ons kind”. Daarnaast stelt de advocaat van de verdachte dat meneer niet voldoet aan het signalement van de buurvrouw en dat er geen sprake is van mishandeling van een zogeheten ‘levensgezel’, omdat de relatie destijds al voorbij was. 

De officier van justitie wijst later op een opmerking genoteerd door de politie ter plaatse: de verdachte zou hebben gezegd dat er ruzie was omdat zijn vriendin was vreemdgegaan. Dit wijst er volgens haar op dat er wel degelijk een relatie tussen de twee was op de avond van het incident. Namens het slachtoffer wordt hier later aan toegevoegd dat meermaals is geprobeerd contact op te nemen met de verdachte omtrent het kind, waarna de verdachte zelf ontkent dit ontvangen te hebben. 

Het duurt niet lang voor de uitspraak volgt. De politierechter acht één mishandeling bewezen, op basis van de waarneming van de buurvrouw. Voor meerdere geweldshandelingen ontbreekt voldoende bewijs. Ook spreekt de rechtbank meneer vrij van mishandeling van een levensgezel: hoewel er wel sprake was van huiselijk geweld was de relatie volgens de rechtbank niet hecht genoeg om als zodanig te kwalificeren. De gedeeltelijke veroordeling en gedeeltelijke vrijspraak benadrukken hoe uiteenlopend de verschillende kanten van het incident zijn. De verdachte krijgt een taakstraf van zestig uur, waarvan dertig uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Na het horen van het vonnis uit hij zijn ongeloof en haasten hij en zijn advocaat zich uit de zaal. Bij het slachtoffer zijn duidelijk gemengde gevoelens te zien. Na even gepraat te hebben met haar vertegenwoordiging verlaat ook zij de zaal, en is de zaak afgerond. 

Related Post

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *