Breed lachend en met een sterk Amsterdams accent begroet Bryan (37) me. Zijn baardje, ontspannen houding en lage stem onderstrepen het typische Amsterdamse dat hij uitstraalt. Al pratend leidt hij me door zijn wijk Wittenburg naar een knus café, waar we aan een tafeltje plaatsnemen. Bryan identificeert zich als een heteroseksuele man. Iets dat hem anders maakt dan ander mannen is dat hij zich soms kleedt als vrouw; een travestiet, of zoals hij het zelf liever noemt, een crossdresser.
Als ik hem vraag waar dit allemaal begon, denkt hij even na en slurpt van zijn koffie. “Het begon al van jongs af aan. Ik zal zes geweest zijn. Het standaard verhaaltje: je pakt weleens iets uit de kast van je moeder, een schoen of een jurkje en trekt dat aan. Je doet dat een paar keer en vindt het nog geinig; erover nadenken doe je dan nog niet. Pas later dacht ik: ‘Ik identificeer mij als travestiet.’”
“Vroeger werd ‘travestiet’ weleens als scheldwoord gebruikt. Dan liep er iemand voorbij, en dan riep men: ‘travestiet!’ Bijvoorbeeld een man in vrouwenkleding en een baard, dat soort dingen. Het werd gezien als ‘niet mooi’, en dat vond ik vreemd. Daarom ben ik die benaming gaan onthouden. Toen ik me verder ging ontwikkelen en erover nadacht, ben ik het gaan opzoeken. Ik dacht: ‘Dit is wel wat serieuzer dan af en toe dingen van je moeder pakken.’”
Toen Bryan zijn ouders vertelde dat hij travestiet is, reageerde zijn moeder anders dan verwacht: ‘ Ik dacht dat mijn moeder van niks wist, maar ze zei meteen: ‘Ja, dat wist ik al.’ Zijn moeder had schijnbaar al vroeg vermoedens over zijn liefde voor vrouwenkleding. “Mijn ouders betrapten me weleens met kleding van mijn moeder in mijn kast. Toch zeiden ze er nauwelijks iets van. Mijn moeder vroeg dan: ‘Hoe komt dat?’ En ik zei: ‘Weet ik niet.’ Ik probeerde alle vragen te ontwijken en zei er nog niks over.”
Voor mijn ouders was het in de jaren daarna nog wennen en ik moest het zelf ook verder uitzoeken. Ik praat er niet veel met hen over, maar als ik dat wil, kan dat wel. Laatst waren we op vakantie en zei ik: ‘Oh, ik neem dat topje.’ Toen zei mijn moeder: ‘Grappig, die neem ik ook.’ Op zulke momenten voelt het gewoon heel chill.”
Uiteindelijk ontstond Bryans alter ego Cecilia, die zelfs een eigen Facebookpagina heeft waarop zo nu en dan iets verschijnt. Waar Cecilia vroeger altijd jurken en make-up droeg, is dat inmiddels veranderd. “Tegenwoordig draag ik niet altijd make-up,” vertelt Bryan. “Het gaat me meer om het combineren van vrouwelijke accenten met mijn mannelijke kleding, bijvoorbeeld door hakken te dragen. Ik wil niet alles hetzelfde doen als andere mannen. Het dragen van vrouwenkleding maakt mij eenmaal gelukkig. Wat een ander er van vind, daar trek ik me niks van aan.”
“Sommige mensen kijken wat langer als ik me als vrouw kleed, maar dat raakt me veel minder dan vroeger. Toen trok ik me er echt iets van aan, vooral uit angst de eerste keren dat ik naar buiten ging. Nu is die angst veel minder en voelt het juist bevrijdend om als vrouw over straat te gaan. Het hangt ook een beetje van het moment af: soms gaat het heel chill en soms doe ik gewoon mijn oortjes in zodat ik niemand hoor.”
Bryan is ooit als Lady Gaga naar één van haar concerten gekleed gegaan. Zijn moeder vindt zulke momenten soms best moeilijk, omdat ze bang is voor de reacties van anderen. Bryan begrijpt dat wel: “In het begin zei ik ook: het komt wel goed. Ik ben best nuchter en denk daar niet heel erg over na. Als ouder heb je natuurlijk die angst. ‘Maar dat is niet nodig’, zeg ik altijd. Gelukkig ervaar ik nog geen narigheid.”
Hoewel Bryan veel steun krijgt van familie en vrienden, zijn er ook mensen die er anders over denken. Online krijgt hij veel steun, maar op straat werden er soms vervelende reacties geroepen. “Aan de ene kant vind ik dat lastig, maar aan de andere kant probeer ik me er niet te druk om te maken. Aan mijn moederskant van de familie zijn de mannen wat meer macho en bij hen ligt het gevoeliger. Sommigen weten het nog niet en dan twijfel ik of ik het wel moet vertellen. Soms waag ik het en hoop ik op een goede reactie, soms hou ik me liever stil. Je vraagt je af: ‘Komt het uiteindelijk goed als ik het vertel?’ Meestal wel, maar soms ook niet.”
Terwijl Bryan een hap van zijn roerei neemt, vraag ik of hij zou willen dat dit anders was. Hij kijkt even bedenkelijk naar de voorbijgangers buiten en zegt dan: “Ik kan het hen niet forceren. Soms plaats ik iets op Facebook of Instagram en hoop ik dat het goed bij hen valt, zo niet dan laat ik het rusten. Zo doe ik het. Ik wil het niemand door de strot duwen, ook al zou ik dat soms wel willen. Dat maakt het alleen maar lastiger. Sommige mensen zeggen bijvoorbeeld dat transseksuelen vaak in de media naar voren komen, alsof het hen wordt opgedrongen. Ik wil niet dat mensen dat ook over mij denken. Ik weet hoe zij erover denken, dus af en toe een foto vind ik prima.”
Na ons gesprek in het café, laat Bryan zijn wijk nog aan mij zien. Terwijl we lopen, zegt hij dat hij zich hier thuis voelt en zichzelf durft te uiten, als man of als vrouw. Het is een gevoel van vrijheid en acceptatie dat hij graag met anderen wil delen. Tegen mannen of vrouwen die zich ook identificeren als travestiet wil Bryan dan ook het volgende zeggen: “Probeer een vertrouwenspersoon te vinden met wie je goed kunt praten, iemand aan wie je het kunt delen en bij wie je je prettig voelt. Geef mensen die het niet oké vinden geen tijd of energie. Hopelijk kun je hierdoor snel ‘uit de kast komen’.”