Veel apothekersassistenten hebben last van frustratie, agressie en een gebrek aan waardering. “Bij ons kan de bom barsten.”

Het kwam heel af en toe voor dat apothekersassistente Ariënne Sevink (54) middenin in de nacht uit bed gebeld werd. De apotheek waar zij werkzaam was, gaf patiënten soms de mogelijkheid om medicijnen ’s nachts in de apotheek in het Gelderse Zelhem op te halen. Voordat er een noodknop werd geïnstalleerd, gaf deze nachtelijke tocht geen veilig gevoel, vertelt Sevink als ze bij de achterdeur staat waar deze medicijnen toentertijd werden meegegeven. “Patiënten wisten dat er iemand bij de achterdeur kwam. Dus ja, ik had mijn herdershond in de auto. Mijn collega’s verklaarden mij voor gek, maar ik voelde mij veiliger.”

Dat Ariënne zich onveilig voelde, is niet zo vreemd. Uit recent onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat 50,8% van de apothekersassistenten dit werk als stressvol ervaart.  In 2023 telden we ongeveer 23.000 apothekersassistenten. Volgens het CBS nam dit aantal na de coronacrisis af van 32.000.

 Medicatie verstrekking is een groter proces dan alleen een doosje doorschuiven vertelt Sevink. “Mensen denken vaak: ‘de diagnose is gesteld, ik ga naar de apotheek, die geven mij de medicatie en ik word beter.’ Maar voor dat dat doosje wordt doorgeschoven wordt alles gecontroleerd, van dosering tot allergieën.” Om deze controle zorgvuldig uit te voeren wordt er gebruik gemaakt van een computer: “Je bent wel druk achter de computer, maar eigenlijk ben je druk voor de patiënt.”

De oorzaak van stress onder apothekersassistenten komt grotendeels door medicijnentekorten. Dit kan leiden tot ‘frustratie en agressie’ vanuit patiënten, zegt Lennart Rietman, perswoordvoeder van de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV): “Apothekersassistenten krijgen vaak te maken met patiënten die hun medicijnen op komen halen, waarbij de assistent moet vertellen dat het medicijn er niet is of het misschien pas later komt.” Apothekersassistenten vervullen volgens Rietman, ‘een verantwoordelijke en belangrijke functie’. Om deze functie weer aantrekkelijker te maken, is er gestaakt om de lonen omhoog te gooien. “Dit heeft geresulteerd in een historische loonsverhoging.”

“Het is niet zo dat we lonen omhooggooien en daarmee zeggen dit is de oplossing”, zegt Marcia Vervloet, die namens het NIVEL, Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg, onderzoek heeft gedaan naar de knelpunten in de arbeidsmarkt van de openbare farmacie. Vervloet geeft ook aan dat het onbegrip en de onwetendheid sterk terugkwamen uit het onderzoek. “Bijvoorbeeld met het preferentiebeleid zie je dat patiënten denken dat de apotheker deze beslissing zelf neemt, maar die weten niet dat dat aan de zorgverzekeraar is. Het is dus een beetje: don’t shoot the messenger.”

Volgens het CBS komt stress het vaakst voor bij beroepen met ‘verantwoordelijkheden en weinig regelruimte’. De beroepen die na de apothekersassistent het hoogst scoren zijn leerkrachten basisonderwijs (38,5%), medische praktijkassistenten (38,5%) en artsen (35,0%). De top tien van deze lijst is bijna gelijk gebleven aan die van vijf jaar geleden.  Bijna de helft vindt dat de bestaande maatregelen tegen stressvol werk niet voldoende zijn. Maar liefst 22% van de werknemers met stressvol werk geeft aan dat er helemaal geen maatregelen zijn genomen.

Sevink was apothekersassistente in een openbare apotheek. Uiteindelijk heeft zij ervoor gekozen om over te stappen naar de medicijnverstrekking binnen het ziekenhuis; “Het handmatig bereiden van medicijnen werd minder en de mensen werden steeds mondiger. Ook zat ik tussen twee vuren in, ik kreeg regeltjes van de grote organisatie en de zorgverzekeraars en ik moest de patiënten tevreden houden, dat is moeilijk”. Daarnaast moet je als apothekersassistente ook kunnen incasseren: “Wij zijn altijd de laatste schakel, de patiënten hebben misschien al de hele dag moeten wachten of slecht nieuws gehad, dan kan bij ons de bom barsten.”

Om te voorkomen dat die bom barst, is het volgens Vervloet belangrijk om aan patiënten uit te leggen wat de apotheek precies voor hen kan betekenen. “De rol van apotheekassistenten moet beter begrepen worden.” Maar patiënten hebben volgens Vervloet ook een grote verantwoordelijkheid. “Zij kunnen wat meer begrip tonen voor de werkzaamheden en verantwoordelijkheid van de apotheker. Ik denk dat dit heel belangrijk is, ook voor het werkplezier van de apothekersassistenten.”

Extra informeren zou dus een oplossing kunnen zijn. Zo wordt er sinds korte tijd in sommige apotheken een jaargesprek gehouden. Hierin gaan apothekers met een selectie patiënten in gesprek over hun medicatie vertelt Vervloet: “We zien dat patiënten dit heel prettig vinden. Ze waarderen enorm het gesprek en de aandacht, tevens realiseren ze zich soms dan pas dat ze voor bepaalde vragen ook gewoon bij de apotheker terecht kunnen.”

Ook Sevink merkt dat veiligheid een aandachtspunt is, vertelt ze terwijl ze in de apotheek staat: “Tijdens de coronatijd hadden we plexiglas op de balie staan. Dat staat er nu nog steeds, ook voor de veiligheid, dat er altijd wat tussen zit.” Daarnaast merkt ze uit eigen ervaring dat veel mensen helemaal niet weten wat de farmacie allemaal doet. Volgens haar moet er meer aandacht en uitleg over de medicatie naar alle patiënten. “De apotheek is juist de plek daarvoor.”

Veiligheid en begrip zijn dus grote thema’s die bijdragen aan het aantal apothekersassistenten dat stress ervaart. Rietman geeft aan dat alles draait om een ‘sociaal veilige en stabiele werkomgeving’.  Er dient meer begrip te komen voor dit uitdagende beroep, wat meer is dan alleen een ‘doosje doorschuiven’. 

Afbeelding: Suze Jansen