Tussen collegebanken en basketbalvelden: het leven van topsporter Sara Overmars

Een carrière als topsporter of een mooie studie, miljoenen kinderen in Nederland dromen ervan om een van de twee ooit te hebben. De 20-jarige Sara Overmars deed beide. Maar valt topsport en een studie wel te combineren? Ze speelt namelijk basketbal op het hoogste niveau van Nederland en combineerde dit lange tijd met een studie Journalistiek aan Hogeschool Windesheim in Zwolle.

Hoe ben je begonnen met de sport basketbal?
“Basketbal is eigenlijk al van jongs af aan een belangrijk onderdeel van mijn leven geweest. Mijn moeder basketbalde vroeger zelf en daardoor kwamen mijn zus en ik al vroeg in aanraking met de sport. We wilden het allebei graag een keer proberen en zijn toen we zeven en negen jaar oud waren, begonnen bij een lokale basketbalclub in ons dorp. In het begin was het vooral bedoeld als een leuke hobby, maar al snel merkten we dat we er best goed in waren. We hoorden vaak bij de betere spelers van het team en kregen steeds meer plezier in het spel. Daardoor ontstond ook de motivatie om ons verder te ontwikkelen. Uiteindelijk hebben we besloten om bij een club in Veghel te gaan basketballen, omdat het niveau daar een stuk hoger lag. Later, toen ik ging studeren aan Hogeschool Windesheim in Zwolle, ben ik overgestapt naar Comfective Hammers, zodat ik mijn sport en studie beter kon combineren.”

Hoe zag een gemiddelde dag voor je eruit toen je studeerde en basketbalde?
“Mijn dagen waren meestal erg vol en strak gepland. Ik begon bijna elke dag met een ochtendtraining van half negen tot tien uur. Ik ging dan vanuit huis direct naar de training en daarna meteen door naar school. Overdag probeerde ik zoveel mogelijk lessen te volgen en aanwezig te zijn bij colleges. Meestal kon ik niet de hele dag blijven. Vaak moest ik rond drie uur ’s middags weg, omdat mijn tweede training van de dag om half vier begon en tot vijf uur duurde. Na deze training ging ik weer naar huis om te eten en even bij te komen. Soms probeerde ik daarna nog wat schoolwerk te doen, maar daar had ik niet altijd voldoende energie voor.”

Hoe was het voor je om sport en studie te combineren?
“Het combineren van topsport en een studie vond ik soms best lastig. Door de vele trainingen en wedstrijden miste ik regelmatig lessen, waardoor ik veel stof zelf moest inhalen. Dat kostte extra tijd en planning. Daarnaast vond ik het mentaal zwaar, omdat ik na een lange dag trainen vaak weinig motivatie over had om nog met school bezig te zijn. In de uren dat ik wél tijd had om te studeren, moest ik mezelf echt dwingen om aan de slag te gaan. Ook speelde vermoeidheid een grote rol, vooral in drukke weken met wedstrijden. Soms voelde het alsof ik constant keuzes moest maken tussen school en sport. Toch wilde ik graag beide blijven combineren, omdat ik mijn studie belangrijk vond voor mijn toekomst en basketbal mijn grote passie was.”

Hoe zagen je trainingen eruit?
“De trainingen waren intensief en soms ook behoorlijk zwaar. In de ochtenden bestonden de trainingen vaak uit twee delen: ongeveer 45 minuten krachttraining en daarna 45 minuten oefeningen met de bal. Hierbij werd veel gewerkt aan techniek, conditie en fysieke kracht. In de middagtrainingen lag de focus meer op echte spelvormen. Dan oefenden we situaties die in wedstrijden voorkomen en werkten we aan het samenspel en de tactiek binnen het team. Ook was er veel aandacht voor het schieten op de basket, omdat dat een essentieel onderdeel van basketbal is. Het trainingsschema was pittig, maar ik vond het ook leuk en leerzaam.”

Op de website van Windesheim staat dat topsporters in aanmerking kunnen komen voor onder andere financiële ondersteuning en begeleiding. Hoe heb jij de begeleiding vanuit Windesheim ervaren?   “Niet heel goed, om eerlijk te zijn. Ik kreeg wel een financiële compensatie, omdat ik door het sporten minder tijd had om met mijn studie bezig te zijn. Dat was fijn, maar verder was de begeleiding beperkt. Veel docenten wisten niet dat ik topsport deed, waardoor ik dit steeds opnieuw moest uitleggen. Ik moest vaak zelf afspraken maken over gemiste lessen en deadlines. Ik had het prettiger gevonden als Windesheim de docenten hier vooraf al over had geïnformeerd, zodat er meer begrip en duidelijkheid zou zijn geweest.”

Wat hoop je in de toekomst nog te bereiken met je basketbalcarrière?
“Dat vind ik een lastige vraag. Op dit moment speel ik niet meer alle wedstrijden mee met het damesteam, maar ik train nog wel regelmatig met ze mee. Ik merk dat mijn interesses en prioriteiten langzaam veranderen. Voor volgend seizoen ga ik kijken of ik misschien op een iets lager niveau kan gaan basketballen. Op die manier hoop ik meer tijd te hebben voor andere dingen die ik ook leuk en belangrijk vind, terwijl ik de sport niet helemaal hoef los te laten. Daarnaast wil ik vooral blijven genieten van het spel en de sociale contacten die basketbal mij heeft gebracht.”

Leave comment

Your email address will not be published. Required fields are marked with *.