Het aantal moslims in Nederland is in de afgelopen jaren toegenomen. Deze groei komt niet alleen door migratie, maar ook doordat steeds meer Nederlanders zich bekeren tot de islam. Vooral onder jongeren stijgt dat aantal. Iemand die daar alles van af weet is de 26-jarige verpleegkundige Joëlle Kouprie, zij heeft vijf jaar geleden besloten om zich te bekeren tot de islam.
Hoe ben je in aanraking gekomen met het islamitische geloof?
“Ik merkte dat ik van jongs af aan al interesse had in andere geloven en culturen. Op mijn negentiende kreeg ik een bijbaan in de thuiszorg. In die tijd kwam ik bij mensen thuis, waarbij het geloof een belangrijk aspect speelde in hun leven. Dat vond ik heel mooi, ook al had ik er zelf nog niet veel mee gedaan. Maar later zou ik stage gaan lopen in Indonesië als onderdeel van mijn opleiding. Dit deed ik samen met iemand die ik toen nog niet kende. Zij was Turks en zij vertelde mij toen wel eens dingen over de islam en dat vond ik heel interessant.”
Wat was je specifieke aanleiding om te gaan geloven?
“De specifieke aanleiding was voor mij coronatijd die ervoor zorgde dat ik heel veel thuis zat. Daardoor ging ik steeds meer nadenken over het doel van het leven. Toen ben ik mee geweest met een christelijke vriend naar de kerk en dat vond ik heel interessant. Later vroeg een vriendin mij ook een keer mee naar de moskee. Daar vond ik het gelijk heel erg fijn. Dat gaf me heel veel rust om er ook meer onderzoek naar te doen. Hier heb ik dan ook uitgebreid de tijd voor genomen. Mijn onderzoek had als resultaat dat ik de keus maakte om moslim te worden.”
Zijn er ook dingen die jij nu anders doet dan toen je net begon met geloven?
“Ja, in het begin droeg ik nog geen hoofdoek, want dat voelde toen nog niet goed. Naarmate ik meer leerde over het geloof, ging ik er ook meer liefde voor voelen. Ik merkte dat ik steeds vaker een hoofddoek wilde dragen. Maar ik was wel bang voor de meningen van anderen, want je bent tenslotte een Nederlandse vrouw. Door het dragen van een hoofddoek is het gelijk zichtbaar dat je ergens in gelooft. Dat vond ik best spannend, maar ik merkte dat ik het desondanks graag wilde. Dus toen besloot ik om het te doen.”
Zijn er mensen in jouw omgeving die je kent die zich ook hebben bekeerd?
“Ja, best wel. Mijn beste vriendin is ook bekeerd tot de islam. Haar heb ik door de moskee leren kennen. Daarnaast ben ik vrijwilliger in de moskee om dingen te organiseren voor bekeerlingen. Daardoor leer ik ook steeds meer mensen kennen die zich hebben bekeerd. Wekelijks zie ik een aantal mensen die hiervoor kiezen.” Dit blijkt ook uit het artikel van de EO. Hierin wordt aangegeven dat Nederlandse moskeeën vroeger 1 of 2 bekeerlingen per maand zagen, terwijl ze nu hetzelfde aantal wekelijks zien. Mensen die zich bekeren, geven aan dat de rust in het leven die het geloof hen kan bieden, een belangrijke reden is.
Ben je gelukkiger door het geloof?
“Zeker, ik was eigenlijk nooit gelovig, voordat ik deze keuze maakte. Nu ik wel gelovig ben, heb ik echt het gevoel dat ik een doel heb in het leven en dat maakt me gelukkiger. Ik weet nu dat het leven hierna voor mij niet ophoudt en dat biedt hoop. Als je goed hebt geleefd, word je daarvoor beloond in het hiernamaals.”

