Een jaar geleden draaide het leven van Wolkan vooral om overleven. Nu zit hij bij de opening van het 50/50 Workcenter in de Noorderkerk in Zwolle kaarten te maken. Hij maakt grapjes met andere deelnemers en bouwt stap voor stap aan een nieuw ritme. Het 50/50 Workcenter helpt hem daarbij. ‘’ Hier voel ik me gezien. Dat maakt het verschil.”
Aan een kleine tafel in de Noorderkerk buigt Wolkan zich over een stapel sombere grijze kaarten. Hij gaat ze opfleuren. Met vaste hand haalt hij een draad door een naald en geeft de kaart wat extra kleur. Tussendoor kijkt hij op als iemand hem aanspreekt. Hij lacht veel, houdt een kort gesprekje en gaat weer verder waar hij gebleven was. Het oogt vanzelfsprekend, maar dat is het niet.
Wolkan komt oorspronkelijk uit Rotterdam en verhuisde drie jaar geleden naar Zwolle. Daarvoor werkte hij ongeveer tien jaar als freelancer in de horeca. Lange diensten, onregelmatige werktijden en constante druk waren voor hem normaal. Althans, dat dacht hij. In deze periode raakte hij verslaafd aan 3-MMC, ook wel ‘miauw’ genoemd, een partydrug met een stimulerende werking. “Ik werkte wel nuchter,” zegt hij, “maar zodra ik thuiskwam greep ik meteen naar drugs.”
Het gebruik nam langzaam de overhand. Via het sociaal wijkteam in Zwolle kwam hij in contact met hulpverlening. Op hun advies stopte hij tijdelijk met werken. “Ik moest eerst rust in mijn hoofd krijgen. In die periode heb ik volledig ingezet op stoppen. Dat was niet makkelijk, maar het is gelukt. Ik ben nu één jaar nuchter.”
Binnenkomst workcenter
Via het Leger des Heils kwam hij terecht bij het 50/50 Workcenter. Dat biedt mensen met afstand tot de arbeidsmarkt een plek om op eigen tempo werkervaring op te doen. Deelname is vrijwillig. “Ik ben hier vorig jaar in de zomervakantie begonnen, maar toen kwam ik bijna niet,” vertelt hij eerlijk. “Alles was nieuw en ik moest wennen.”
De afgelopen maanden veranderde dat. “Nu kom ik drie à vier dagdelen per week. Dat geeft ritme. Ik sta ergens voor op.” Die structuur blijkt belangrijker dan hij vooraf dacht.
Creatief bezig zijn had hij niet van zichzelf verwacht. “De eerste keer duurde het een halfuur voordat ik een draad door een naald kreeg,” aldus de goedlachse geboren Rotterdammer. “Nu lukt dat binnen tien seconden.’’ Hij werkt nauwkeurig en met aandacht, alsof hij wil laten zien dat hij dit serieus neemt.
Ook de verhuizing naar de Noorderkerk ervaart hij als een stap vooruit. De vorige locatie was minder geschikt. “Dat pand stond bijna op omvallen. Er waren lekkages en soms werkten we met emmers om het water op te vangen.” De nieuwe plek voelt rustiger. “Een goede locatie helpt. Ik ben dankbaar dat we hier kunnen werken.”
Wat Wolkan vooral helpt, is het contact met anderen. “De begeleiders en mede-deelnemers zijn aardig. Je wordt hier niet veroordeeld.” Hij denkt even na en vervolgt: “Op een gegeven moment besefte ik dat als ik zou blijven gebruiken, ik hier niet als mezelf binnenkom. Terwijl mensen hier moeite voor je doen. Dat motiveert me om nuchter te blijven.” Die sociale verbinding noemt hij zijn grootste houvast. “Dat wil ik niet kwijtraken.”
Ambities
Langzaam kijkt hij weer vooruit. Onlangs maakte hij een nieuw cv. Hij heeft al kantoorervaring, onder andere bij de gemeente Rotterdam. Nu hoopt hij op een baan bij de Nederlandse Spoorwegen. “Ik check elke dag de vacatures. Service en tickets op het station lijkt me mooi werk. Dat is mijn droom.”
Het Workcenter ziet hij als tussenstap. Geen eindpunt, maar een plek waar hij kan wennen aan structuur en ritme voordat hij weer volledig aan het werk gaat. Terwijl hij zijn spullen opruimt en nog even blijft napraten, klinkt hij rustig maar vastberaden. “Ik wil stap voor stap verder. Wat ik hier heb opgebouwd, wil ik behouden.”